woensdag 17 december 2014

Joris Luyendijk

Dit kan niet waar zijn : onder bankiers
Atlas Contact 2015, 208 pagina's - €20,--

Wikipedia: Joris Luyendijk (1971), zijn website en zijn bankblog

Korte beschrijving
Joris Luyendijk heeft al diverse publicaties op zijn naam staan over realistische, aangrijpende onderwerpen. Dit boek probeert door te dringen tot de kern van de problematiek rondom de financiële crisis die in 2008 begon. Aan de hand van geanonimiseerde interviews met insiders die voor grote bancaire instellingen werken in Londen, ontleedt Luyendijk stap voor stap de pijnpunten die hebben geleid tot de crisis. Onder meer belangenconflicten, perverse prikkels en het Hire & Fire systeem, maakten de medewerkers tot gewetenloze roofdieren. Hun enige doel was om zoveel mogelijk geld te verdienen ten koste van anderen. Handelaren, compliance-medewerkers en overige bankiers tonen de onthutsende onethische kant van hun werk. De banken creëerden een eigen wereld en cultuur waarbij je alleen kon overleven als je daar integraal onderdeel van werd. Tot op de dag van vandaag hebben de meeste banken nog last van hun cultuur en hun imago. Ondanks kleine verbeteringen blijven de perverse prikkels aanwezig, waardoor de financiële wereld nog steeds op zijn hoede moet zijn voor een nieuwe crisis.

Tekst van website uitgever
Twee jaar lang heeft Joris Luyendijk zich ondergedompeld in het hart van de financiële wereld. Juist omdat hij geen kenner was van de bankenwereld, was hij de ideale auteur om te onderzoeken wat er gebeurd is: hoe gesloten de wereld van de high finance ook is, velen wilde met hem praten om uit te leggen hoe mooi hun werk was. Hoe zwaar. Hoe interessant. En hoe gevaarlijk.
Want de conclusie is even stevig als pijnlijk: de instellingen die ervoor moeten zorgen dat de economie functioneert, kunnen de wereld in de afgrond storten. En dat gebeurt allemaal met de beste bedoelingen door mensen die precies dezelfde zorgen hebben als u en ik, door mensen die de hypotheek moeten betalen en de kinderen op een goeie school wilden hebben. De scherpe blik en de onbevangen manier van vragenstellen zorgt ervoor dat Luyendijk als geen ander inzichtelijk maakt hoe we ervoor staan. And it is not pretty.

Zeeppompje
Klik hier voor een artikel waarin Joris Luyendijk een man in London portretteert die voor een multinational bezig is om zeeppompjes zodanig te manipuleren dat mensen meer zeep gebruiken dan strikt noodzakelijk is. En wat dit zegt over de mores van onze zakenelite. Titel: Normaal? - Pompjes laten ontwerpen die te veel zeep afgeven zodat mensen er meer van gebruiken.

En klik hier voor een lang artikel over dit boek (Dit kan niet waar zijn) (op blog Oefenen voor een andere tijd)

Fragment uit 5. De wereld van Zero Job Security
'Deze sector kent zo'n verspilling van  menselijk kapitaal,' zuchtte de saleshandelaar van eind veertig die eerder bonussen als 'theater' en een 'ritueel' omschreef. Hij had vele lichtingen managers zien langskomen: 'Een nieuw iemand komt binnen en beng, hij gooit er 10 procent uit. Als de economie niet aantrekt en de overgebleven 90 procent weet voortaan al het werk te doen, staat deze nieuwe figuur er geweldig op. Hij heeft in de kosten gesneden en de inkomsten stabiel gehouden. Maar nu trekt de economie aan en zijn wij hopeloos onderbezet... Zo run je geen business, maar zo wordt menig team of afdeling gerund.'
 De rock-'n-rollhandelaar had in zijn carrière nog bijna nooit iemand iets zien  proberen op te bouwen: '' Cyclus na cyclus van nieuwe managers. Ze hebben een plan om binnen drie of vier jaar de opbrengsten omhoog te trekken. De druk is enorm, en de makkelijkste manier om meer te verdienen is meer risico nemen.' Denk aan het ritme van verkiezingen, zei hij. 'Nieuw management loopt de cijfers door en zegt: die desk of dat team bereikt te weinig. Ze gooien de baas eruit en halen een nieuw iemand binnen, voor zoveel miljoen. Die trapt er nog vier uit en neemt zijn eigen mensen aan. Blijkt het na drie jaar niet te werken, gooit de bank deze vijf er weer uit, en begint het opnieuw.

Als je binnen vijf minuten buiten kan staan, wordt ook je horizon vijf minuten. Dat was de kern van de verhalen over het systeem van zero job security. Niet alleen loyaliteit verdampt, maar ook de continuïteit, want niemand kan ergens op bouwen. (p. 82-83)

Artikel: Experiment - ... waarna de politicus er een ideologisch en daarmee mediageniek behapbaar sausje overheen mag gooien. (september 2013)
Artikel: TrendRede 2014 - We vliegen blind in deze crisis en hebben geen idee. (september 2013)
Artikel: Bankiers : conformisten die zichzelf überhaupt geen vragen meer stellen over goed en kwaad. (februari 2015)
Artikel: "De vis gaat rotten bij de kop" (februari 2015)
Artikel: Een boektour is een lange les in nederigheid (april 2015)
Artikel: Jaarthema 2016: "Verdienen jij en ik het om te zijn geboren in de westerse wereld?" (januari 2016)


Een ander boek: George Moller. Waardenloos : banking on ethics (2012)

Terug naar Overzicht alle titels


dinsdag 2 december 2014

Damon Young 2

Afgeleid : filosofie voor een vrijer leven
Ten Have 2014, 240 pagina's - € 20,00

Oorspronkelijke titel: Distraction (2008)

Wikipedia: Damon Young (1975) en zijn website

Korte beschrijving
Damon Young is een jonge Australische filosoof, verbonden aan de universiteit van Melbourne en mede-oprichter van de Australische vestiging van de School of Life van Alain de Botton. Dit boek gaat over de vraag hoe je moet leven. Alleen dan niet rechtstreeks, maar indirect, door de vraag te stellen wat ons in de weg staat en ons steeds weer van een zinvolle levensvulling afleidt. Aan de hand van leven en werk van allerlei denkers, schrijvers en kunstenaars laat hij zien wat het leven betekenis kan geven en hoe lastig dat in de praktijk soms is. Het resultaat vertoont weinig structuur, maar dat doet aan de leesbaarheid geen afbreuk: het is boeiend en uitnodigend en zet de lezer aan het denken. Bevat index en uitvoerige literatuurverwijzing.

Tekst op website uitgeverIn ‘Afgeleid’ behandelt de Australische publieksfilosoof Damon Young een voor iedereen zeer herkenbaar “probleem”. Voortdurend worden we afgeleid – iedereen kent dat gevoel. Niet alleen door e-mails en social media, maar ook door mooiere banen, mannen of vrouwen dan de onze. In ‘Afgeleid’ betoogt Damon Young dat dit meer is dan een kwestie van te veel prikkels. Het is een kwestie van waarden.

Hoe we ons beter kunnen focussen op wat er echt toe doet, laat Young zien aan de hand van grote geesten als Henri Matisse, Karl Marx en Seneca. In prachtig proza schetst hij zo een perspectief op een vrijer leven.

Fragment uit 1. Straatputten en tranen
Bij afleiding draait het daarom uiteindelijk om de waarde der dingen. Wanneer we zeggen dat we afgeleid zijn, geven we toe dat we onze geestelijke en lichamelijke kwaliteiten verspillen. Iets waar minder waarde aan hechten, leidt ons in daad en gedachte af van iets waaraan we meer waarde (zouden moeten) hechten. Waarden staan voor wat we het belangrijkst, begeerlijkst of noodzakelijkst achten. Wanneer we zeggen dat iets waardevol is, bedoelen we eigenlijk: 'Ik heb maar zoveel tijd en zoveel energie - dít is het beste.'
 Maar welke criteria moeten we aanleggen om afleiding te vermijden: wát is het beste? Het Engelse woord voor waarde, value , geeft een aanwijzing. Het komt van het Latijnse valere, dat 'sterk zijn' of  'waardevol' betekent, een betekenis die we ook terugvinden in ons woord 'valide'. Wie valide is, is krachtig en capabel. Bij de Romeinen wilde valere niet alleen zeggen dat je over lichamelijke kracht beschikte, maar ook iets kostbaarders bezat: gezondheid en welzijn. (pagina 10)

Andere titel van Damon Young: Filosoferen in de tuin (2014)
Terug naar Overzicht alle titels

Susan Neiman

Waarom zou je volwassen worden?
Ambo/Anthos 2014, 218 pagina's - € 20,--

Oorspronkelijke titel: Why grow up? : philosophy in transit (2014)

Wikipedia: Susan Neiman (1955)

Korte beschrijving
De Amerikaanse filosofe Susan Neiman, momenteel werkzaam als directeur van de denktank Potsdam Forum in Berlijn, heeft naam gemaakt met indringende boeken als 'Het kwaad denken' (2004) en 'Morele helderheid' (2008). In haar nieuwste boek, 'Waarom zou je volwassen worden?', bouwt zij daarop voort. Haar uitgangspunt is steeds het denken van de Verlichting, met name dat van Kant. Deze wellicht belangrijkste filosoof van de moderne tijd maakt onderscheid tussen de wereld zoals die is en de wereld zoals die zou moeten zijn. Volwassen zijn betekent nu volgens Neiman dat men dit verschil onder ogen ziet en er vervolgens wat aan doet. Helaas is dat momenteel niet in: wij hopen op een eeuwige jeugd en als dat niet lukt, kun je het beste maar berusten. Aan de hand van het werk van denkers als Rousseau, Kant en Hume ontmaskert Neiman deze onvolwassen kant van onze cultuur, om vervolgens na te gaan wat de positieve bijdrage van onderwijs, reizen en werk zou kunnen zijn. Gedreven als steeds, en uitermate leesbaar. Met register, bibliografie en literatuurverwijzingen.

Tekst van haar website
Becoming an adult today can seem a grim prospect. As you grow up, you are told to renounce most of the hopes and dreams of your youth, and resign yourself to a life that will be a pale dilution of the adventurous, important and enjoyable life you once expected. But who wants to do any of that? No wonder we live in a culture of rampant immaturity, argues internationally renowned philosopher Susan Neiman, when maturity looks so boring. In Why Grow Up?, Neiman explores the forces that are arrayed against maturity, and shows how philosophy can help us want to grow up. Travel, both literally and as a metaphor, has been seen as a crucial step to coming of age by thinkers as diverse as Kant, Rousseau, Hume and Simone de Beauvoir. Neiman discusses childhood, adolescence, sex and culture, and asks how the idea of travel can help us build a model of maturity that makes growing up a good option and leaves space in our culture for grown-ups. Refuting the widespread belief that the best time of your life is the decade between sixteen and twenty-six, she argues that being grown-up is itself an ideal: one that is rarely achieved in its entirety, but all the more worth striving for.

De Amerikaanse filosofe Susan Neiman stelt in haar nieuwe boek de prikkelende vraag: waarom zou je volwassen worden? Volwassen worden wordt vaak geassocieerd met het opgeven van jeugddromen, om ze vervolgens in te wisselen voor een bestaan dat een fletse afspiegeling is van het avontuurlijke, vrije leven dat we onszelf voorstelden toen we jong waren. Aan de hand van het werk van beroemde filosofen als Immanuel Kant, Jean-Jacques Rousseau, David Hume en Simone de Beauvoir laat Neiman zien dat volwassen worden wel degelijk een positieve wending aan ons leven kan geven. Volwassenheid, zo stelt ze, is een ideaal: iets wat misschien nooit helemaal gerealiseerd kan worden, maar wat het tegelijk waard is om nagestreefd te worden.

Fragment uit 4. Waarom zou je volwassen worden?
Het korte antwoord is: omdat het moeilijker is dan je denkt, mede omdat het weerstand kan oproepen. De krachten die onze wereld vormgeven zijn evenmin in echte volwassenen geïnteresseerd als ze dat in Kants tijd waren, want kinderen zijn gewilliger onderdanen (en consumenten). Toen Kant hierop wees, lette hij er wel op ook de manieren aan te geven waarop wij aan onze eigen onvolwassenheid meewerken: voor jezelf denken is veel vermoeiender dan anderen dat voor je te laten doen. Was de aard van het probleem voor Kant al duidelijk, de middelen waarmee we in een staat van onvolwassenheid worden gehouden zijn subtieler en indringender dan voorheen. We worden overstelpt met dubbele boodschappen. De helft daarvan maant ons serieus te worden,op te houden met dromen en de wereld te accepteren zoals die is, met de boodschap van volwassenheid als capitulatie voor de status quo. De andere helft bestookt ons met producten en suggesties die ons jong moeten houden. Wat we helaas maar heel zelden krijgen voorgeschoteld is het beeld van volwassenheid als een nastrevenswaardig ideaal. Als het huidige troosteloze perspectief op volwassenheid niet opzettelijk tot stand is gebracht door degenen die er belang bij hebben dat de wereld er niet beter op wordt, dan zijn hun belangen daar wel goed mee gediend. Hoe kun je mensen beter in zelfopgelegde onmondigheid houden dan hun een perspectief op volwassenheid voorhouden waarnaar niemand die bij zijn gezonde verstand is, zou kunnen verlangen? (pagina 172-173)

Terug naar Overzicht alle titels

dinsdag 25 november 2014

Wim de Ridder

De ontdekking van de toekomst : wat we al weten, is niet te geloven
Vakmedianet 2014, 298 pagina's - € 32,50

Website Wim de Ridder (1945)

Korte beschrijving
Technologische ontwikkelingen volgen elkaar in razend tempo op. Dit boek gaat in op belangrijke ontwikkelingen. In vijf delen komen diverse aspecten ter sprake. De delen zijn getiteld 'Vooruitgang als toekomstbeeld', 'Crises als functie voor vooruitgang', 'Zand in de motor van de vooruitgang 2000-2013', 'De agenda van de vooruitgang in vijf sectoren 2015-2025' en 'Op zoek naar de big bang van de zesde technologische revolutie'. Niet alleen is het vizier gericht op de toekomst, ook het verleden komt ter sprake, waaronder ontwikkelingen betreffende zonne-energie, nanotechnologie en robots. Sectoren met bijzondere aandacht zijn het onderwijs, agrarische industrie, gezondheidszorg, financiële sector en de overheid. De auteur is gereputeerd hoogleraar toekomstonderzoek (Universiteit Twente). Het gedegen en toegankelijk geschreven boek is voorzien van afbeeldingen en foto's in kleur, bevat een trefwoordenregister en literatuurverwijzingen. Het is geschikt voor een ieder die zich een beeld wil vormen van enkele ontwikkelingen op technologisch vlak in de aankomende jaren..

Fragment uit 6.1 Systeemcrises tijdens de derde fase van twee technologische hype cycles
Achteraf kan worden vastgesteld dat de gevestigde ondernemingen niet op tijd hadden ingespeeld op de nieuwe technologische mogelijkheden die zich aandienden. Christensen gaat nog een stap verder en stelt vast dat er sprake is van een paradox: naarmate bedrijven beter worden geleid, missen deze ondernemingen meer kansen die doorbraaktechnologieën hun kunnen bieden. Het theorama van Christensen kan ook als volgt worden geformuleerd: in de eerste fase van een technologische revolutie stellen gevestigde ondernemers zich passief op. De agenda van de vooruitgang trekt zich niets aan van de mensen en de verlangens van de organisaties die met veranderingen worden geconfronteerd. Daardoor staan bedrijven vaak voor de vraag of zij zich snel moeten aanpassen - met soms grote gevolgen voor het vervroegd afschrijven van grote investeringen - of dat ze de veranderingen zo lang mogelijk moeten uitstellen. In het laatste geval worden vaak lobbyisten ingezet, om besluitvormingsprocessen te vertragen. Niet zelden zijn bedrijven zich niet bewust van de snelheid waarmee veranderingen plaatsvinden. () Een organisatie 3.0 weet dat zij tempo moet maken. Met dit doel vormt zij netwerken; niet alleen met branchegenoten, maar ook met klanten, afnemers, maatschappelijke stakeholders en niet in de laatste plaats met werknemers binnen de organisatie en met zelfstandige professionals erbuiten. (pagina 87)

Youtube - Wim de Ridder: 'Technisch zijn we er, het is alleen nog wachten op de mensheid'


Artikel: Wim de Ridder - creëer een cultuur van verandering en aanpassing (december 2014)


Terug naar Overzicht alle titels

Lenette Schuijt

Wat bezielt ons? : van verstarring naar vitaliteit
Vakmedianet 2014, 480 pagina's - € 35,--

Website Lenette Schuijt

Korte beschrijving
Oude maatschappelijke systemen en instituties als de overheid, de wetenschap, de zorg, het onderwijs, de bankwereld en het bedrijfsleven zijn dolgedraaid in het neoliberale tijdperk. De eenzijdige gerichtheid op geld, op groei en op vooruitgang heeft er toe geleid dat kernwaarden van de goede samenleving uit het oog zijn geraakt. In sombere tinten schetst de auteur, organisatiedeskundige en ondernemer, de verstarring waaraan de Nederlandse samenleving ten prooi is gevallen. In een bij tijd en wijle persoonlijk getint relaas gaat zij op zoek naar alternatieven. Zij ontwaart in de maatschappij een onderstroom van burgerinitiatieven en bedrijfjes, die een perspectief op een betere wereld bieden. In die zin bevinden wij ons in een overgangstijd. Zij pleit voor nieuwe manieren van samenwerken, organiseren en leiderschap. Het boek is een kritische, goed leesbare en zeer uitvoerige analyse van de huidige Nederlandse samenleving.

Fragment uit het Voorwoord (geschreven door Jan Rotmans)
In haar boek Wat bezielt ons? Van verstarring naar vitaliteit beschrijft Lenette Schuijt in een heldere en toegankelijke stijl de oude instituties, hun achterhaalde logica en perverse prikkels. Ze laat zien hoe de menselijke factor gemangeld dreigt te worden door allesoverheersende systemen, die misschien niemand wilde, maar die niet zo eenvoudig veranderd kunnen worden. Het maakt de noodzaak van een transitie op indringende wijze duidelijk. Daarnaast laat Schuijt de noodzaak van een transitie op indringende wijze duidelijk. Daarnaast laat Schuijt de kracht en rijkdom zien van de onderstroom en analyseert ze welke nieuwe principes van organiseren, samenwerken en leidinggeven ten grondslag liggen aan de duizenden initiatieven en experimenten. Deze hoofdstukken geven moed en perspectief. Door van een aantal sectoren, zoals het onderwijs en het bedrijfsleven, de oude en nieuwe wereld naast elkaar te zetten, wordt het overduidelijk dat de kanteling niet alleen onontkoombaar is, maar ook al volop gaande is. De hoofdstukken over andere manieren van denken en het slothoofdstuk prikkelen de lezer om zelf bij te dragen aan duurzamere samenlevfing die op de menselijke maat is geschoeid. Ze laten zien dat elk individu in staat is om de oude, verstarde samenleving sneller te laten kantelen en mede vorm te geven aan een nieuwe samenleving. Er zit veel leiderschap verscholen in de nieuwe samenleving. Mensen die vanuit een eigen verantwoordelijkheid en een hang naar autonomie met hart en ziel bezig zijn om van onderop nieuwe projecten te realiseren in hun eigen leef- en werkomgeving. De nieuwe leiders zijn dienstbaar aan de samenleving en van onschatbare waarde om nieuwe waarden en instituties op te bouwen. Wie niet goed kijkt ziet ze niet, maar wie wel goed kijkt ziet deze nieuwe leiders al op de radar. Want uiteindelijk draaien transities om mensen. Mensen die al struikelend leren en verder komen in hun ontwikkeling en gezamenlijk werken aan een toekomst die hoop biedt. Dit boek biedt zo'n hoopvol perspectief en daarom kan ik het van harte aanbevelen. (pagina 6)

Youtube - Wat Bezielt Ons? - Lenette Schuijt

Terug naar Overzicht alle titels

Thomas Homer-Dixon

Ten onder te boven : catastrofe, creativiteit en de vernieuwing van de beschaving
Jan van Arkel 2009, 459 pagina's - € 17,95

Oorspronkelijke titel: The upside of down : catastrophe, creativity and the renewal of society (2006)

Wikipedia: Thomas Homer-Dixon (1956) en zijn website.

Korte beschrijving
In dit boek beschrijft de auteur vijf spanningen waarmee de mensheid nu te maken heeft: de bevolkingsopbouw, de energievoorziening, het verslechterende milieu, het klimaat en de economie. Via historische lijnen en verklaringen probeert hij hedendaagse ontwikkelingen te verklaren en te problematiseren. Hij probeert daarmee vooral de samenhang tussen de beschreven ontwikkelingen en spanningen aan te geven. Dat lukt heel goed. Zijn analyse is zowel wetenschappelijk (met veel bronnenmateriaal) als persoonlijk, soms visionair, van aard. Zo komt hij tot een interdisciplinaire catagenese: het opnieuw uitvinden van onze toekomst. Het boek is vlot, goed en deskundig geschreven en leest als een duidelijk pamflet voor een andere levenswijze die recht doet aan de toekomst van onze planeet en haar bewoners. De verantwoording hiervan (bronnen, literatuur en dergelijke) beslaat alleen al honderd pagina's.

Fragment uit Tektonische spanning
We betreden een cruciaal tijdperk in onze geschiedenis. Tijdens de komende decennia zullen we een voortdurende en razendsnelle opeenvolging van hachelijke kruisingen tegenkomen. De keuzes die we maken en de paden die we bij elke kruising inslaan, zullen onomkeerbaar zijn. De inzet kan nauwelijks hoger. Maar terwijl we door de mist voorwaarts scheuren, zijn er maar weinigen onder ons die daadwerkelijk achter het stuur zitten. De meesten van ons zijn enkel bijrijders op de passagiersstoel. Soms staren we door de voorruit - met de ogen angstig wijd opengesperd - in ontkenning van onze snelheid, van de gevaren die voor ons liggen en van ons gebrek aan zeggenschap.
  Het is hoog tijd dat we van bijrijders bestuurders maken. (pagina 45)

Youtube - Thomas Homer Dixon: Beyond Sustainability


Terug naar Overzicht alle titels

dinsdag 11 november 2014

Peter Tom Jones & Cicky De Meyere

Terra reversa : de transitie naar duurzame rechtvaardigheid
EPO/Jan van Arkel 2009, 359 pagina's - € 14,95

Website: Terra reversa

Korte beschrijving
De actuele financieel-economische crisis heeft voor veel mensen duidelijk gemaakt dat de maatschappelijke ontwikkeling, die heeft geleid tot die crisis, vergt dat we mondiaal een drastisch andere koers gaan varen. Dit boek biedt een doorwrochte beschouwing over de redenen waarom en de manier waarop de wereldsamenleving een overgang kan en moet maken naar een duurzame ontwikkeling. Het uitgangspunt van de auteurs daarbij is de klimaatcrisis. Want waar je met financiën en economie een frisse start kunt maken, sluit het mondiale ecosysteem geen compromissen. Het boek biedt zowel theoretische als praktische analyses van mechanismes die mensen en de samenleving weerhouden van en die kunnen aanzetten tot duurzamer gedrag. Zij werken dat vervolgens uit voor deelterreinen als mobiliteit, voeding, toerisme en wonen. Pittige stof, maar verrassend goed leesbaar en toegankelijk voor ieder met een middelbare opleiding. Met talrijke tekstkaders, figuren en tabellen, een verklarende woordenlijst, literatuuropgave en registers op personen en onderwerpen.

Fragment uit Change or be changed
De metafoor van de vlinder van Lorenz - het flapperen van de vleugels van ene vlinder in Tokio kan enkele weken later een storm ontketenen in New York - verschaft ons de hoop dat de duurzaamheidstransitie op gang gebracht kan worden. Maar waar en wanneer bevindt zich dit maatschappelijk kantelpunt? Het overschrijden van historische tipping points kan per definitie pas lang na de feiten worden vastgesteld. Misschien zitten wij vandaag al vlak bij het tipping point van de eerste sprong voorwaarts naar duurzame consumptie en productie.
  Optimisme is een morele plicht, stelde de filosoof Karl Popper. Ondanks alle barrières en de schijnbaar weinig gunstige machtsverhoudingen van vandaag, moeten wij voluit durven te gaan voor een sociaal-rechtvaardige duurzaamheidstransitie. Cynisme is niet alleen een luxe voor de rijken maar ook een self-fulfilling prophecy. Er bestaat geen andere eerbare keuze dan actief te ijveren voor een transitie. We zijn het verplicht aan onze nakomelingen en aan alle minderbedeelden in deze wereld om telkens opnieuw de condities te creëren om het kritische kantelpunt te bereiken: 'Een rechtvaardige en duurzame wereld is geen verarmde wereld maar een wereld die rijker is op andere manieren. De uitdaging voor de eenentwintigste eeuw bestaat erin om die wereld tot stand te brengen. (pagina 312)

Youtube - Peter Tom Jones: transitie naar rechtvaardige duurzaamheid (29:55)




Terug naar Overzicht alle titels

maandag 10 november 2014

Anneleen Kenis & Matthias Lievens

De mythe van de groene economie : valstrik, verzet, alternatieven
EPO/Jan van Arkel  2012, 336 pagina's - € 17,95

Mejudice; Anneleen Kenis over de mythe van de groene economie

Korte beschrijving
Vanuit de overtuiging dat klimaatpolitiek stoelt op een bepaalde maatschappijvisie, maken de auteurs, milieuactivisten, duidelijk dat een duurzame toekomst niet kan zonder diepgaande maatschappijverandering, want binnen de logica van het kapitalisme is de ecologische crisis niet op te lossen. Na een schets van de verwevenheid van de klimaatcrisis met andere grote vraagstukken van onze tijd leggen de auteurs uit dat het tegengaan van klimaatverandering een maatschappijverandering veronderstelt. Aansluitend komen de grondoorzaken van de huidige ecologische crisis aan de orde. Na deze iets meer theoretische opstap volgt de ontrafeling van de groene mythe. De auteurs eindigen met een route die méér groen en minder economie oplevert, maar die route vraagt naast transitie ook revolutie gericht op sociale gelijkheid, meer democratie en minder markt. Een boeiende analyse van de klimaatcrisis, gepositioneerd in een maatschappijbreed kader.

Fragment uit 4. Is een groen kapitalisme mogelijk?
Het gaat hier om een heel complexe vraag, waarop wellicht geen exacte antwoorden mogelijk zijn. Wat we wel met vrij grote zekerheid kunnen zeggen, is dat er minstens een aantal bijzonder moeilijke obstakels zijn om een echt groen kapitalisme te realiseren. Het eerste is dat van groei. 'Over groei valt niet te onderhandelen', stelt Thomas Friedman. 'De ontwikkelingslanden willen groeien, en wie hen dat verbiedt, zegt dat ze voorgoed arm moeten blijven.'
Daarom pleit Friedman voor een andere, groenere groei: de groei van hernieuwbare energie en van 'schone' producten. Uiteraard hebben we groei nodig in welbepaalde sectoren, zoals de fabricage van windmolens of zonnepanelen. Bovendien is het evident dat de ontwikkelingslanden een zekere groei moeten kunnen realiseren om minimale bestaansvoorwaarden voor hun bevolking te creëren. Maar de conclusie van het vorige hoofdstuk is onverbiddelijk: er is nauwelijks economische groei in het kapitalisme zonder ecologische impact, en de zogenaamde dematerialisering stoot steeds weer op Jevons' paradox. Als je de economie echt wil vergroenen, zal je steeds op een bepaald punt grenzen moeten stellen aan de groei, en dat is onmogelijk binnen het kapitalisme. (pagina 155)

Terug naar Overzicht alle titels

Herman Verhagen

De duurzaamheidsrevolutie : hoe mensen organisaties en organisaties de wereld veranderen
Jan van Arkel 2011, 200 pagina's - € 17,95

Herman Verhagen (1954) en het bedrijf Good Company.

Korte beschrijving
Centrale gedachte bij Herman Verhagen is dat het huidige economische model met steeds maar groei vervangen moet worden door een duurzame economie om een systeemcrisis met een uitgeputte Aarde af te wenden. In de visie van de schrijver is die revolutie al gaande en vragen consumenten om duurzame producten. Inspirerend leiderschap is in deze revolutie de drijvende kracht. Verhagen noemt voorbeelden van leiders van grote bedrijven als Wal-Mart en Cisco die al zijn overgestapt op de duurzame revolutie. In het boek dat zes hoofdstukken telt, wordt met aansprekende voorbeelden beschreven hoe en waarom bestaande modellen vastlopen en hoe veranderingen op gang komen. Helaas zijn het nogal wat losstaande voorbeelden zonder een echt totaaloverzicht en is Verhagen wel erg optimistisch over veranderingen bij grote bedrijven. 'De duurzaamheidsrevolutie' is bedoeld als inspiratiebron voor leiders naar een duurzame economie. Voor die doelgroep is het een leuk, maar wat chaotisch boek. Met eindnoten per hoofdstuk en een bronnenoverzicht.

Fragment uit 4. Megatrend van een turbulente tijdgeest
Het tijdperk van revoluties biedt behalve bedreigingen ook ongekende nieuwe kansen. Nooit eerder in de geschiedenis was de kloof tussen onze verbeelding en de realiteit immers zo klein als nu. Wat we kunnen bedenken, kunnen we maken. Waren dromen vroeger fantasieën, nu zijn ze toegangspoort naar de werkelijkheid. Om deze mogelijkheden ten bate van duurzame ontwikkeling aan te wenden, moeten we echter onze doelen herzien en verbeeldings- en organisatiekracht, kapitaal en vernuft gebruiken door producten en diensten te ontwikkelen die tegemoet komen aan essentieel basisbehoeften van mensen en die niet nemen van, maar geven aan de natuur. Dit is niet primair een technische maar een morele opgave. Want natuurlijk is het mogelijk om iedereen op aard toegang te verschaffen tot voedsel, energie en schoon water. Om iedereen onderdak, basisgezondheidszorg en onderwijs te beiden. Om te leven binnen de grenzen die de natuur stelt, zonder natuurlijke hulpbronnen uit te putten en ecosystemen te vernietigen en om gestalte te geven aan het perspectief van het Goede Leven. Dat is niet moeilijk mits we onze doelen herzien. (pagina 51-52)


Terug naar Overzicht alle titels

John Michael Greer

Het natuurlijk kapitaal : economie om te overleven
Jan van Arkel 2013, 270 pagina's - € 12,95

Orspronkelijke titel: The wealth of nature : economics as if survival mattered (2012)

Weblog: Resilience waar John Michael Greer op publiceert

Korte beschrijving
Het boek begint met een heldere verklaring van de blinde vlek in het kapitalistisch denken zoals dat werd ingevoerd door Adam Smith. Het kapitalisme kent geen bijzondere waarde toe aan middelen die uit de natuur afkomstig zijn en aan de in de natuur beschikbare fossiele brandstoffen. Volgens de macrotheorie stijgt het aanbod met de prijs, maar op een kaal eiland kun je heel veel geld bieden zoder dat er aanbod komt. De gedachte dat de markt zichzelf corrigeert, leidt tot crises. Deze gedachte wordt in dit boek steeds verder uitgewerkt, maar het volgen van de redenaties wordt steeds lastiger. De oplossingen die de schrijver biedt, zijn erg beperkt. Hoofdstukken als 'Afdalen naar derdewereldniveau' en 'Overleven is onrendabel' hebben een heel andere toon dan de meeste boeken in dit genre, die juist overmatig enthousiast irreële oplossingen presenteren. Het boek eindigt met een pleidooi voor kleinschaligheid en een nawoord waarin het potentieel van schaliegas wordt besproken. Voorzien van eindnoten, een literatuurlijst en register.

Fragment uit Falend economisch denken
Ondood geld
Net als bij de meeste complexe intellectuele bijgeloven - neem bijvoorbeeld de astrologie in de middeleeuwen en de renaissance - kent de leer van de economie een bijzonder contingent volgelingen in de politieke klasse. En net als bij de meeste bijgeloven schuilt ook in dit bijgeloof een solide kern van pragmatische wijsheid, zij het dat deze kern ondergesneeuwd is geraakt door een flinke berg aanvechtbare logica die niet noodzakelijkerwijs verband houdt met de werkelijke causale relaties die het bijgeloof met zijn voordelen verbinden. De voorouders van mijn vrouw geloofden dat het schoteltje melk op de stoep bij de achterdeur de feeën gunstig stemde en dat de ratten daarom uit de moestuin wegbleven. Min of meer op eenzelfde wijze geloofden de economen van de twintigste eeuw dat het verruimen van de geldvoorraad de, eh, tja, de voorspoedfeeën of iets in die trant behaagde en dat de Verenigde Staten om die reden van depressies verschoond zijn gebleven.
 In beide gevallen is het heel goed verdedigbaar dat er in werkelijkheid iets totaal anders aan de hand was. De ongekende hoogconjunctuur die Amerika tot de grootste economie ter wereld maakte, had tal van oorzaken. (pagina 50-51)

Fragment uit Nawoord
De meeste mensen in de geïndustrialiseerde wereld slepen zich slaapwandelend door een van de grote overgangsperiodes uit de geschiedenis. De zaken waar ze zich om bekommeren worden nog altijd geheel en al bepaald door het rekenen met de overvloed. DE meeste mensen maken zich bijvoorbeeld vooral druk om het regelen van een gerieflijk pensioen, de gestaag duurder wordende medische zorg, de kosten van de opleiding van de kinderen en wat ze verder nog aan voorzieningen noodzakelijk achten. Zelfs in hun donkerste nachtmerries zal het niet bij ze opkomen dat ze zich ooit zorgen zullen moeten maken over zulke basale behoeften als voedsel, kleding en onderdak; over het lot van hun plaatselijke, door decennia van kwaadaardige verwaarlozing uitgeholde economieën en gemeenschappen; en over het hoogst twijfelachtige toekomstsperspectief van de constitutionele overheid en de rechtsstaat.
 Zelfs van degenen die durven te voorspellen dat de huidige Grote Recessie tenslotte nog ingrijpender zal zijn dan de Grote Depressie, is slechts een enkeling bereid de gevolgen onder ogen te zien van ene nabije toekomst waarin miljoenen westerse mensen in sloppenwijken wonen en elke dag weer moeten knokken om hun maaltje bij elkaar te sprokkelen. Om voor Amerika Sinclair Lewis te parafraseren: het kón wel degelijk hie rgebeuren, tachtig jaar geleden, en nota bene in ene tijd dat de Verenigde Staten ene netto-exporteur van industriële goederen waren, plus niet te vergeten 's werelds grootste olieproducent- en exporteur. (pagina 249)

Terug naar Overzicht alle titels

Mark Lynas

De mens als god : hoe de aarde het Antropoceen kan doorstaan
Jan van Arkel 2011, 299 pagina's - € 17,95

Oorspronkelijke titel: The God species : how the planet can survive the age of humans (2011)

Wikipedia: Mark Lynas (1973)

Korte beschrijving
Tot voor kort leefden we in het Holoceen: het tijdperk waarin de Aarde onze levensomstandigheden bepaalde. Die periode lijkt ten einde en we leven volgens sommigen nu in het Antropoceen: het tijdperk waarin de mens de zaken naar zijn hand zet. Of zoals de auteur verderop in het boek stelt: 'De stelling van dit boek is dat de natuur ons niet meer in de hand kan houden en dat wij dat nu dus zelf in de hand moeten houden.'. Hij beschrijft negen aandachtsgebieden met hun bijbehorende grenzen van draagkracht ('planetaire grenzen') die niet mogen worden overschreden. Aan de hand van deze leidraad geeft hij mogelijke oplossingen en veranderingen van aanpak om te voorkomen dat we de natuur onherstelbaar veranderen/vernietigen. Dit boek wil een gids zijn voor hoe we onze nieuwe taak van bewust beheerder van de Aarde - verreweg de belangrijkste taak die de mensheid ooit op zijn schouders heeft genomen - kunnen aanpakken. Inclusief zeer uitgebreide literatuurlijst/eindnoten. Actueel, goed gedocumenteerd.

Fragment uit Hoeders van de aarde
Kan de mensheid de aarde - en zichzelf - door deze overgang naar duurzaamheid heen leiden? Ik geloof van wel. Of het ook zal lukken valt te bezien. Maar er zijn minstens even goede redenen voor optimisme als voor pessimisme, en alleen optimisme kan ons de motivatie en de passie geven die we nodig hebben om te slagen.
Doemprofeten kunnen overtuigend zijn, maar hun raad leidt alleen tot wanhoop. De wereld en onze kinderen verdienen beter. Het punt is dat de milieuproblemen van de wereld oplosbaar zijn/ laten we ze dan ook oplossen.(pagina 272-273)

Terug naar Overzicht alle titels

Richard Heinberg

Einde aan de groei : ons aanpassen aan de nieuwe economische realiteit
Jan van Arkel 2011, 379 pagina's - € 17,95

Oorspronkelijke titel: The end of growth (2011)

Wikipedia: Richard Heinberg (1950) en zijn website

Korte beschrijving
Het uitgangspunt van de auteur is dat de economische groei voorbij is. Oorzaken zijn de uitputting van fossiele brandstoffen, grootschalige milieuschade door de winning en het gebruik van fossiele brandstoffen, en de financiële ontwrichting, onder andere door de grote schulden en stijgende milieukosten. De bovengenoemde oorzaken worden nader uitgewerkt en er wordt verwezen naar allerlei studies. De auteur noemt ook tegenstanders van zijn visie, maar weerlegt hun argumenten. Helder is de stelling van het boek en alle argumenten passen bij het uitgangspunt. De breder georiënteerde lezer zal naast dit boek ook andere werken moeten raadplegen om zelf een oordeel te kunnen vellen of de economische groei tot stilstand zal komen en of dit wenselijk is. Binnen het kader van de aangegeven beperkingen duidelijk geschreven.

Fragment uit Voorwoord - Hoe ons voorbereiden op het kantelmoment?
De uitdaging is daarmee nog niet in volle diepte geschetst. Want zelfs al zou er een wondermiddel bestaan om zonder kleerscheuren uit de financiële crisis te geraken, dan nog zijn we niet uit de problemen. We hebben niet alleen een piramidespel met krediet opgezet, maar evenzeer een met ecologisch kapitaal. Decennialang hebben we een op fossiele brandstoffen gestookte groei die rekent op onbegrensde natuurlijke grondstoffen als een evidentie opgevat. Nu zijn we echter aanbeland in het tijdperk van toenemende schaarste aan energie, water en cruciale minerale delfstoffen. We kunnen ons dus ook ecologisch niet meer uit de schulden lenen. Je kan niet milieuvriendelijker worden door nog meer beslag te leggen op natuurlijke hulpbronnen. Tot nu toe heeft het absorptievermogen van de natuur ons grotendeels behoed voor de negatieve effecten van het overgebruik van de aarde. Maar onder meer de klimaatwijziging toont aan dat we kantelmomenten aan het bereiken zijn die maken dat we eerder veel minder dan nog meer beslag op de natuur kunnen leggen. (pagina 9) (geschreven door Dirk Holemans).

Terug naar Overzicht alle titels

vrijdag 31 oktober 2014

Learn more. See more

Gisteravond - donderdag 30 oktober 2014 - was de derde bijeenkomst van de Lezers van Stavast. Dit keer een klein groepje. Jammer, maar daardoor werd het gesprek alleen maar beter. Althans, zo heb ik het ervaren. Ik had de bijeenkomst uitgeroepen tot Piketty-dag. De dag dat in Nederland de vertaling van het - laten we het maar gewoon ronduit zo stellen - imposante boek van de Franse econoom Thomas Piketty uitkwam. Kapitaal in de eenentwintigste eeuw. Had 's middags een exemplaar voor de bieb bij de lokale boekhandel gehaald. Daar lag ook Waarom Piketty lezen? Klik  hier voor een artikel over dit boek (the most important economics book of the year — and maybe of the decade) en hier voor een ander artikel waarin Piketty ook aan bod kwam (Markt en staat zijn als tweelingbroeders: ze kunnen zonder elkaar niet leven, en ze versterken elkaar.)

Klik hier voor gebruikte presentatie (slideshare)


Een groot debat
Een ding is zeker: het boek van Piketty en alle andere publicaties die daarom heen verschijnen (boeken, artikelen, filmpjes) leiden tot een debat. Mensen zijn het niet met elkaar eens over de centrale these van Thomas Piketty dat de ongelijkheid tussen de happy few (1 procent van één procent) en de rest van de samenleving veel té groot is geworden; sterker: nog groter zal worden. En meteen daarmee samenhangend vooral wat er aan gedaan moet, kan of zal worden. Veel burgers zullen tot de conclusie moeten komen dat zij niet tot die selecte groep behoren, waarschijnlijk ook nooit zullen behoren en dat je dan twee dingen kunt doen. Die happy few dat opgebouwde vermogen (want daar gaat het om; niet het inkomen) gewoonweg gunnen ("Ze hebben er toch hard voor gewerkt") of toegeven dat de verhoudingen de laatste dertig jaar toch wel erg scheef zijn gegroeid.

Twee mensen, en nog eentje
Tijdens ons gesprek in de bibliotheek van Oss haalde ik twee mensen naar voren. Uit onverdachte hoek (want lid van de VVD, en de Belgische tegenhanger daarvan, de VLD). Deze Robin Fransman en Paul De Grauwe pleiten met veel argumenten dat 'het kapitalisme' op korte termijn bijgestuurd moet worden. Gebeurt dat niet dan blijft onze economie kwakkelen, wordt ons democratisch systeem ondermijnd en staan zij niet in voor de gevolgen. Beide heren noemen de naam Nick Hanauer niet, de Amerikaanse miljardair die bijvoorbeeld pleit voor een flinke verhoging van  het minimumloon in zijn land. Hanuaer is bekend geworden door zijn in augustus van dit jaar opgenomen TED-talk: Beware, fellow plutocrats, the pitchforks are coming. Zeer vrij vertaald als: "Beste mede-stinkrijke collega's, als we niets doen aan de veel te grote ongelijkheid dan komen de hooivorken. Oproer, gedoe. Anarchie."



Helaas, veel lezen
Maar de reden voor dit stukje is dat aan het eind van de avond enkele Lezers van Stavast verzuchtten dat ze gebukt gingen onder de zelfopgelegde dwang dat ze veel té veel moeten doen. En dat daarom het lezen er af en toe bij inschiet. En dat hun de moed in de schoenen zakte nadat ze alle nieuwe titels hadden gezien die ik op deze avond naar voren haalde. Stuk voor stuk belangrijke, interessante boeken om onze complexe wereld beter te kunnen leren begrijpen. Om er vervolgens een genuanceerd standpunt over in te kunnen nemen. Ik sloot me bij dit oordeel aan, maar toen ik naar huis reed dacht ik bij mezelf dat ik er iets anders over had moeten zeggen. Dat het wél belangrijk is om te blijven lezen. Veel. Helaas, er valt niet aan te ontkomen. De wereld is complex, verwarrend, het tempo waarin veranderingen plaatsvinden neemt alleen maar toe. Dus blijf lezen om bij te blijven.

Mooie woorden, nietwaar? Maar plaatjes zeggen veel meer dan woorden, nietwaar.


Vrijdag 31 oktobe
r
Een van mijn favoriete Twitteraars (Robert Went) reikte 's morgens een plaatje aan dat bovenstaande bespiegeling kort en bondig samenvat. Terwijl ik daar over nadacht herinnerde ik me een ander plaatje dat collega Mari me maanden daarvoor al had aangereikt. Dezelfde strekking: lezen is belangrijk, verrijkt je leven. In die tweede cartoon zit niet de notie dat je VEEL moet lezen (meer is niet altijd beter!), maar wel dat lezen goed voor je is.

Beste Lezers (van Stavast): blijf lezen.


Citaat 184 en Citaat 185


(vrijdag 31 oktober 2014)
Hans van Duijnhoven

woensdag 29 oktober 2014

Brandstof

Brandstof : vlammende dialogen over vragen van levensbelang
Onder redactie van Laurens Knoop & Maria Gaia Janssens
Nijgh & Van Ditmar 2014, 206 pagina's - € 17,50

Korte beschrijving
De Stichting Brandstof is een organisatiebureau voor toegankelijke en praktische filosofie. In nauwe samenwerking met partners als de omroep Human en de School of Life worden evenementen georganiseerd en programma's gemaakt voor radio en tv. En nu is er dan ook een boek. Er komen zes thema's aan bod: liefde, werk, vriendschap, techniek, man/vrouw en geluk. Elk thema begint met een essay van een jong filosofisch talent, waarna een gerenommeerd filosoof daar met een eigen essay op reageert. Wat de inhoud betreft: toegankelijkheid lijkt belangrijker dan diepgang en structuur. En wat de vorm betreft: te vaak ontstaat de indruk dat het om een scriptie gaat met een beoordeling. Bevat zeer lovende levensbeschrijvingen van de auteurs.

Tekst op website uitgever
Leven, hoe doe je dat goed? In Brandstof spreken nieuwe en gevestigde denkers zich uit over levensbelangrijke onderwerpen die nu vragen om verheldering en verdieping. Moet werk je passie zijn? Moet romantische liefde alles overheersen? Wat is een echte vriend? En is geluk het hoogst haalbare? Zeven rijzende sterren in de filosofie houden vurige betogen over wat zij zien, belangrijk vinden en zelf willen betekenen. Zeven gevestigde denkers plaatsten de ideeën in een context van duizenden jaren filosofie en bieden vervolgens een eigen doorgronde visie op het onderwerp. Brandstof brengt ze bij elkaar en dan blijkt of ze het eens kunnen worden over hoe we verder moeten.

Brandstof is een jonge filosofieorganisatie die grote en kleine filosofieprogramma’s ontwikkelt en organiseert, en jonge mensen helpt met het uitpluizen van alledaagse levensvragen door ze de wijsheid van filosofie te laten ervaren op een toegankelijke en eigentijdse manier.

Fragment uit de bijdrage van Haroon Sheikh - Het inbedden van technopolis en de geest in de machine
Progressievelingen beschouwen de moderne techniek als emancipatiemiddel dat de armen en onderdrukten van de wereld kan bevrijden. Romantici zien er de teloorgang in van de diversiteit aan lokale culturen. Waarover beiden het met elkaar eens zijn dat is de techniek uniformeert. Het creëert een steeds eenvormiger global village. Wie net als ik veel reist ziet dat mensen overal in dezelfde shopping malls hun inkopen doen, met dezelfde smartphones communiceren, naar dezelfde films kijken en, op her en der een religieuze gevoeligheid na, overal dezelfde hamburgers consumeren. De diversiteit aan culturen wordt in onze technologische samenleving meer en meer verbannen naar de marges van de samenleving in musea en folklore.
  Maar wat als deze observaties incorrect zijn? Ikzelf ben opgevoed in drie culturen. Dit heeft de metafysische behoefte in mij aangewakkerd, maar het heeft me ook afgestemd op het zien van de subtiliteiten die schuilgaan achter ogenschijnlijk duidelijk gedrag. Ik ben erin geoefend met Pakistaanse en Surinaamse ogen naar Nederland te kijken, maar ook omgekeerd en van de een naar de ander. Deze training leerde me om achter de façade van eenvormigheid veel complexere innerlijke bronnen te herkennen en onze technische wereld anders te beschouwen. Wat nu, als lokale cultuur en traditie juist niet te vinden zijn in musea, maar vitaal zijn in het hart van de moderne wereld, in hoe onze economieën werken en wij met technologie omgaan? (pagina 117-118)

Terug naar Overzicht alle titels 

Wouter van Bergen & Martin Visser

De kleine Piketty : het kapitale boek samengevat
Atlas Contact 2014, 80 pagina's - €10,--

Korte beschrijving
Beide auteurs zijn financieel journalist bij De Telegraaf en proberen met dit boekje kort en bondig een samenvatting te presenteren van het spraakmakende, recent uitgegeven boek over kapitaal en inkomensverdeling geschreven door de Franse econoom Thomas Piketty. Het boekje is net zo ingedeeld als zijn grote broer, waarbij het taalgebruik toegankelijker is en onnodige passages achterwege zijn gelaten. De uniciteit van dit boek zit hem in het feit dat iedereen nu weet kan krijgen waarom en wat dit boek teweeg heeft gebracht bij economen, politici en overige geïnteresseerden. De oorspronkelijke uitgave bestaat uit ruim 700 bladzijden die niet altijd eenvoudig kunnen worden gelezen. Aan dit bezwaar wordt nu tegemoet gekomen. Wat staat onze samenleving te wachten in de komende decennia? Zal de ongelijkheid alleen toenemen of kunnen we alsnog ingrijpen door fiscale en/of monetaire maatregelen te nemen? Deze en vele andere gerelateerde zaken komen aanbod in dit kleine broertje van het meesterwerk 'Kapitaal in de 21 eeuw'. Gebonden uitgave in pocketformaat, voorzien van enkele grafieken; kleine druk

Tekst op website uitgever
Capital in the 21st Century van Thomas Piketty is ontegenzeggelijk een belangrijk boek, dat zeker niet alleen voor politici en economen is bedoeld: thema's als kapitaalverdeling en vermogensongelijkheid gaan iedereen aan. De kloof tussen arm en rijk wordt almaar groter.

Maar 700 pagina's historisch-economische analyse vraagt veel van een lezer. Daarom hebben financieel journalisten Wouter van Bergen en Martin Visser het boek helder voor u samengevat. Ze voegen een apart hoofdstuk toe over de Nederlandse situatie, maar presenteren verder een ongekleurde en volledige weergave van wat Piketty in zijn magnum opus beweert. U leest dit boekje in hooguit twee uur uit. Daarna kunt u de discussies volgen en uw eigen oordeel vormen.

Fragment uit de inleiding
Blijkbaar heeft Piketty een snaar geraakt. Of je zijn analyse nu deelt of niet, de vermeende ongelijkheid is blijkbaar een reëel thema. Het appelleert aan een gevoel dat velen hebben. Na vele decennia van rijkdom en toenemende welvaart zien mensen met lede ogen aan dat de onzekerheid toeneemt. De concurrentie tussen landen wordt scherper. Veel productie is vertrokken naar lagelonenlanden. Inmiddels melden veel lagelonenarbeiders zich bij ons.
  De opgebouwde welvaartsstaat bleek toch minder goed betaalbaar en houdbaar dan gedacht. Stapje voor stapje, maar wel in een zeker tempo, worden voorzieningen versoberd en afgebroken. Terwijl de rechten van werknemers steeds verder worden ingeperkt, lokken landen bedrijven met steeds aantrekkelijkere belastingtarieven. Nederland prijkt op een gegeven moment zelfs op een Amerikaans lijstje van belastingparadijzen. (pagina 10-11)

Andere titels
Thomas Piketty. Kapitaal in de eenentwintigste eeuw (2014)
Victor Broers. Thomas Piketyty's Kapitaal : samengevat in Nederlands perspectief (2014)
Willem Vermeend. Arm & rijk in Nederland : hoe het echt zit met inkomen en vermogen (2014)
Paul de Grauwe. De limieten van de markt : de slinger tussen overheid en kapitalisme (2014)
Robert Went (red.) - Waarom Piketty lezen? (2014)

Terug naar Overzicht alle titels

Jan Rotmans 2

Verandering van tijdperk : Nederland kantelt 
Aeneas 2014, 180 pagina's - € 19,95

Website van Jan Rotmans (1961)

Korte beschrijving
We leven niet in een tijdperk van verandering maar in een verandering van tijdperk, volgens de auteur, hoogleraar transitiekunde aan de Erasmusuniversiteit en oprichter van o.a. Urgenda, een platform voor duurzaamheid. Grote maatschappelijke en economische veranderingen vallen op dit moment samen, met als onontkoombaar gevolg een kanteling van organisaties op allerlei gebieden. Kerngedachte is de beweging van onderop, het idee dat mensen steeds meer zelf het heft in handen nemen. Het boek beschrijft de op handen zijnde structurele veranderingen - en de belemmeringen daarvoor - in de domeinen onderwijs, zorg, energie en het bankwezen. De analyses zijn geïllustreerd met verhalen van personen die in de veranderingsprocessen een positieve rol spelen. Het boek moet vooral perspectief bieden aan de vele beleidsmedewerkers en bestuurders die in hun werkkring verwikkeld zijn in innovatieve processen. Het is ook zeker interessant voor studenten in sociale studies en een breder hoogopgeleid publiek.

Persbericht waarin dit boek wordt aangekondigd
Op 27 november presenteert Jan Rotmans in Pakhuis de Zwijger in Amsterdam het nieuwe initiatief ‘Nederland Kantelt’ en zijn nieuwe boek ‘Verandering van Tijdperk: Nederland Kantelt’. Het netwerk Nederland Kantelt wil zichtbaar maken hoe breed en groot de vernieuwingsbeweging in Nederland is op negen verschillende terreinen: onderwijs, zorg, energie, voedsel, bouw, ruimte, water, kunst/cultuur en financiën. Veel vernieuwers opereren binnen hun eigen domein maar zijn onbekend met vernieuwers in andere domeinen. Iedereen zit opgesloten binnen zijn eigen silo. Nederland Kantelt wil de muren tussen de silo’s slechten door te stimuleren dat vernieuwers in uiteenlopende velden elkaar leren kennen en van elkaar gaan leren. Juist door verbindingen te leggen tussen allerlei domeinen wordt de veerkracht van de vernieuwingsbeweging groter.

Doel van Nederland Kantelt is om het aantal actief betrokken mensen bij de vernieuwingsbeweging te vertienvoudigen in vijf jaar: van 250.000 mensen naar 2.5 miljoen (20% van het aantal mensen ouder dan 20 jaar, dan is het kantelpunt bereikt). Om dit actief te ondersteunen is een digitaal kantelnetwerk (platform) ontwikkeld: www.Nederlandkantelt.nl waar mensen zich aan kunnen verbinden en ondersteuning kunnen krijgen van een kantelteam met verbinders uit allerlei regio’s in Nederland.

Bij de kanteling van Nederland spelen verschillende typen mensen een cruciale rol. Rotmans typeert hen als kantelaars, koplopers en verbinders. Deze worden ook in het nieuwe boek van Jan Rotmans gepresenteerd. Dit boek is de opvolger van zijn bestseller ‘In het oog van de orkaan’ en beschrijft de kantelperiode die wij doormaken en wat dit betekent voor bedrijven, overheid, samenleving en voor mensen. Rotmans beschrijft ook zijn eigen transitie en dat maakt zijn 25ste boek persoonlijker dan alle voorgaande boeken. Hij maakt de vernieuwingsbeweging zichtbaar aan de hand van negen portretten van kantelaars, koplopers en verbinders. Een aantal daarvan krijgt ook het podium op de avond van 27 november vanaf 20 uur in Pakhuis de Zwijger.

Dit wordt een laagdrempelig feestje voor alle kantelaars, koplopers en verbinders uit alle hoeken en gaten van Nederland. En dat gaan we vieren!

Jan Rotmans. In het oog van de orkaan : Nederland in transitie (2012)

Fragment uit 1. Een verandering van tijdperk
Veel mensen zijn sceptisch over de maatschappelijke beweging van onderop. De politiek worstelt ermee en benoemt het met een typisch top-down begrip: de participatiemaatschappij. Dat is echter een wezenlijk andere wereld dan de beweging van onderop. Motieven achter de participatiesamenleving zijn vooral ingegeven door bezuinigingen en efficiency-operaties. Dat is een verkapte manier om burgers meer zelf te laten doen. Daar wil de Rijskoverheid vervolgens ook nog eens aan gaan sleutelen. Zo heeft het Ministerie van Binnenlandse Zaken het project 'Hoe brengen we de burger in positie', onder de noemer van de 'doe-democratie'.  Vaak werkt deze bemoeienis van de overheid echter averechts. De overheid heeft vooral een faciliterende rol, daar kom ik later nog op terug.
Ook veel onderzoekers zijn sceptisch over de beweging van onderop. Zo etaleren onderzoekers Tonkens en Duyvendak dédain jegens de wereld van burgerinitiatieven. Zij vinden dat die wereld veel te rooskleurig wordt voorgesteld, te leuk en te blijmoedig en bovendien, hoeveel mensen doen nu echt mee aan dergelijk initiatieven? Eigenlijk stelt het niet veel voor vinden zij. Dat is op zich hun goed recht en het is juist goed dat we er allen kritisch naar blijven kijken. En terecht waarschuwen ze voor een mogelijke tweedeling tussen actieve, hoogopgeleide mensen en minder hoog opgeleide en kwetsbare mensen die niet kunnen aanhaken. Opvallend is echter wel dat zij de participatiemaatschappij vooral analyseren vanuit de overheid; zij zien het vooral als een product van overheidsbeleid. Terwijl de échte participatiemaatschappij (de beweging van onderop) niet het resultaat is van overheidsbeleid, maar is ontstaan doordat ondernemende burgers in toenemende mate als sociaal ondernemer het publieke domein betraden. Bovendien overzien zij bij lange na niet de breedte en diepte van de beweging van onderop. (pagina 28)

Fragment uit 6. Wat betekent dit voor ons?
De mens sneuvelde in dit systeemgeweld en kwam in dienst te staan van de complexe structuren. Mensen werden een behandelbaar object, 'cliënten', wat een vreselijk woord trouwens. Iedereen die een mens terugbrengt tot een cliënt, reduceert een mens tot een economische productiefactor. Cliënten moesten zo efficiënt en effectief door het systeem worden gesluisd; dat zien we in de zorg, welzijn en het onderwijs. Maar ook in de financiële sector is de klant uit beeld geraakt en draait alles om de aandeelhouderswaarde. En ook in de energiesector is de klant anoniem en wordt voor die klant geen product op maat geleverd. Werkelijke keuzevrijheid en medezeggenschap voor de gebruiker is ver te zoeken. Dat geldt zowel in de zorg, als in het onderwijs, in de financiële sector en in de energiesector.
  Waar mensen hechten aan vertrouwen, daar regeert het wantrouwen. Waar mensen hechten aan vrijheid, stuiten zij op regelzucht. Waar mensen aandacht willen, krijgen ze doelmatigheid. Waar zij kwaliteit wensen, worden zij met kwantiteit geconfronteerd. Waar mensen ruimte willen, worden zij bekneld door gebrek aan ruimte. Waar mensen tijd wensen, is er vrijwel altijd te weinig tijd.
  Zo botsen de menswaarden als vertrouwen, vrijheid, kwaliteit, ruimte en tijd steeds heftiger op de systeemwaarden efficiency, effectiviteit, rendement, controle en beheersing en kosten en baten. Het dominante mensbeeld is de homo economicus en het bijbehorende sturingsmodel is dat van resultaatsturing. Dit leidt tot vervreemding en verbroken verbindingen tussen management en de werkvloer, tussen financiering en inhoud en tussen mens en systeem. ()
  Steeds meer mensen herkennen zich niet meer in de efficiencymaatschappij die wij met zijn allen hebben gecreëerd. Die is te rationeel, te bureaucratisch, te anoniem, te complex, te afstandelijk en te weinig menselijk. In de kern is de efficiencysamenleving gebaseerd op angst en wantrouwen. Alles moet worden gemeten en gecontroleerd, maar elke vorm van monitoring is gestold wantrouwen. Het systeem is belangrijker geworden dan de mens, vandaag is belangrijker dan morgen en cijfers zijn belangrijker dan mensen. (pagina 154-155)

Terug naar Overzicht alle titels


Nicholas Carr 2

De glazen kooi : wat automatisering met ons doet
Maven 2014, pagina's - € 22,--

Oorspronkelijke titel: The Glass Cage: Automation and Us (2014)

Wikipedia: Nicholas Carr (1959) en informatie op zijn website.

Korte beschrijving
Dat automatisering onze manier van denken verandert, staat buiten kijf. Maar worden we er beter van of juist slechter? Nicholas Carr, auteur van de bestseller 'Het ondiepe' (2011)*, waarschuwt ons voor het laatste. (Computer)automatisering bevrijdt ons van de regelmatig terugkerende mentale oefening, maar daarmee ook van het werkelijke leren. Onachtzaamheid en een vooringenomenheid wat betreft automatisering zijn daarvan het gevolg, aldus de auteur. Hij haalt een indrukwekkende hoeveelheid anekdotische en wetenschappelijke voorbeelden aan die laten zien dat automatisering onze vaardigheden beperkt. Van Inuit-jagers die zonder gps de weg niet meer kunnen vinden tot architecten die als gevolg van CAD-technologie hun creativiteit verliezen. Helaas is er nauwelijks aandacht voor de bestaande alternatieve (optimistischer) visies op de gevolgen van automatisering. Desalniettemin is het boek een aanrader voor iedereen die de gevaren ervan wil onderzoeken. Carr schrijft op een vlotte manier en komt met interessante voorbeelden. Het boek bevat achterin een uitgebreide bronnenlijst en een register.

Tekst op website uitgever
In Het ondiepe liet Nicholas Carr ons zien wat internet met onze hersenen doet. In De glazen kooi opent hij ons de ogen voor een van de belangrijkste trends van het moment: de automatisering van onze samenleving.

De voordelen liggen voor de hand, denk aan zelfrijdende auto’s, medische robots en gespecialiseerde apps. We geven taken uit handen aan machines, die het vaak sneller en beter kunnen en vervolgens hebben wij de vrijheid om onze tijd aan andere zaken te besteden. Volgens Nicholas Carr staat er echter veel op het spel: onze creativiteit en individuele talenten blijken op onverwachte manieren vervlochten met de taken die we uitbesteden. Wie alleen nog maar op zijn rekenmachine vertrouwt, zal wiskunde nooit echt goed begrijpen; wie alleen nog navigatiesoftware gebruikt, zal zijn richtingsgevoel kwijtraken. En het gaat nog veel verder dan rekenmachines en TomToms alleen. De talenten en vaardigheden van onze piloten, artsen, managers, docenten en politici veranderen op ingrijpende wijze als gevolg van automatisering.

Technologie brengt ons veel goeds, maar het creëert ook een glazen kooi die ons beperkt. Dit najaar maakt Nicholas Carr deze kooi zichtbaar.

Fragment uit Witteboordencomputer
In zijn essay uit 1947 'Rationalism in politics', gaf de Britse filosoof Michael Oakeshott een aansprekende beschrijving van de moderne rationalist: 'Zijn geest kent geen atmosfeer, geen seizoens- of temperatuurwisselingen. Zijn intellectuele processen, voor zover mogelijk, zijn geïsoleerd van elke externe invloed en vinden plaats in de leegte. ' De rationalist bekommert zich niet om cultuur of geschiedenis. Hij koestert geen persoonlijk perspectief en loopt er niet mee te koop. Zijn denken is alleen opmerkelijk vanwege 'de snelheid waarmee hij ingewikkelde en uiteenlopende ervaringen weet te reduceren tot een formule.' Oakeshott geeft ons daarmee ook een perfecte beschrijving van wat computerintelligentie ook is: ongelooflijk praktisch en productief, maar met een volstrekt gebrek aan nieuwsgierigheid, verbeelding en wereldsheid. (pagina 161)

Youtube: Nicholas Carr, "The Glass Cage: Automation and Us" (Google Talk)




Nicholas Carr. Het ondiepe : hoe onze hersenen omgaan met internet (2011)
Lee ook: Dave Eggers. De cirkel (2013)
Lees ook: Manfred Spitzer. Digitale dementie : hoe wij ons verstand kapotmaken (2013)

Terug naar Overzicht alle titels

woensdag 22 oktober 2014

Dirk de Wachter 2

Liefde : een onmogelijk verlangen?
Lannoo 2014, 111 pagina's - € 20,--

Wikipedia: Dirk De Wachter (1960)

Korte beschrijving
In deze bundel verkent de Vlaamse auteur, psychiater en hoogleraar aan de KU Leuven, het thema liefde vanuit verschillende invalshoeken. Aan de hand van fragmenten uit de wereldliteratuur bespreekt hij onder meer de volgende onderwerpen: het verlangen naar een duurzame relatie; liefde in een maakbare wereld; het belang van hechting; relatieproblemen en de therapeut; de perfecte match. Naast de literaire citaten ondersteunen zeven afbeeldingen van schilderijen de tekst. Op een prettige, relativerende manier beschrijft de auteur het mysterie 'liefde' en de welhaast onmogelijke eisen die men heden ten dage aan een relatie stelt. Hij komt tot de conclusie dat het geluk vaak schuilt in de 'gewonigheid' van het samenleven van alledag en niet zozeer in de nu heersende cultuur, waarin alles 'leuk' moet zijn. Een mooi vormgegeven boek met de kleur van de liefde, rood, voor het omslag en de citaten. Achterin vermelding van de literatuur en de schilderijen. Lezenswaard voor iedereen, want zoals de schrijver zegt: 'Iedereen wil graag geliefd en liefdevol zijn'.

Tekst op website uitgever
Geef de liefde de status die ze verdient, weg van de Hollywoodiaanse nepparadijzen en wellnessweekends

Geen enkel thema is zo vaak beschreven in literatuur, muziek en kunst als de liefde. Toch blijft de mens op zoek naar haar ware aard. We denken haar te kunnen definiëren en vatten maar merken steeds weer dat we tekortschieten.

Liefde is ondoorgrondelijk maar levensnoodzakelijk. In dit boek beschrijft Dirk De Wachter, auteur van Borderline Times (2012), hoe de liefde in haar voortbestaan bedreigd wordt door het hedendaagse consumentisme en de kwalijke illusie dat alles maakbaar is.

Liefde. Een onmogelijk verlangen is een pleidooi om gewoon te doen. Want alleen dan, als we niks forceren, kan de liefde in volle glorie verschijnen.

Fragment - zwijgen
Liefde toont zich bij momenten in zwijgen, in niet-zeggen. We leven in een tijd van hypertransparantie en openheid. Alles wordt gedeeld op Facebook en overal worden foto's van gemaakt. Tegen die trend in wil ik pleiten voor zwijgen. Niet altijd aan je geliefde alles zeggen wat er op je hart ligt kan heel liefdevol zijn. Koppels maken elkaar kapot in een soort van doorgedreven eerlijkheid. Bij de therapeut, waar het praten natuurlijk aangemoedigd wordt, zeggen geliefden soms hard en pijnlijk wat ze van elkaar niet kunnen uitstaan. Hoe onbevredigd ze bijvoorbeeld de seks vinden. Ook al is het waar; zwijg, in naam van de liefde. Zeg niet wat pijnlijk en lastig is. Toon een zekere mildheid. Liefde kan alleen bestaan bij monde van enige duisternis. Maar in onze tijd staan overal spots: we willen alles zien. Soms is het goed om dingen niet te scherp te laten zien. Het is geen pleidooi voor hypocrisie, wél een protest tegen de egocentrische reflex van de waarheid. Zo moet je niet op je sterfbed toegeven dat je overspel hebt gepleegd, vijftig jaar geleden met de beste vriendin van je vrouw. Of kun je beter verzwijgen dat je in een mooie langdurige liefdesrelatie weleens gevoelens voor iemand anders hebt gekoesterd. Het is soms beter om te zwijgen. Dat kan natuurlijk niet veralgemeend worden. In sommige gevallen is het het heel goed om zulke zaken bespreekbaar te maken. Steeds opnieuw lijken grote uitspraken over de liefde gecounterd te worden door hun tegendeel. Er is geen eenduidige waarheid, geen verplichte norm.
   Laten we in deze hypertransparante tijden de coulissen behouden. Dan kunnen we kiezen of we op het podium komen zingen of liever in de duisternis blijven staan. (pagina 88-89)

Artikel: Liefde - We moeten niet steeds op zoek naar nieuwe verhalen, we moeten nieuwe betekenissen zoeken in dezelfde verhalen. (oktober 2014)

Terug naar Overzicht alle titels

Julian Baggini

Deugden van de tafel : een filosofie van het eten
Nieuw Amsterdam 2014, 352 pagina's - € 24,95

Oorspronkelijke titel: The virtues of the table : how to eat and think (2014)

Wikipedia: Julian Baggini (1968)

Korte beschrijving
Vanuit een voorkeur voor lokale, biologische en seizoensgebonden producten voert de Engelse filosoof van Italiaanse afkomst in drie afdelingen (verzamelen, bereiden en eten) de lezer langs 23 gedragsregels of deugden. Met als centrale deugden autonomie, wilskracht en deemoed. Het doel is te streven naar bewustwording voor alles dat met voedsel te maken heeft. Gelardeerd met kookadviezen. Recepten vallen ze niet te noemen, omdat Baggini ervan uitgaat, dat die 'de kern van het probleem zijn, aangezien officiële richtlijnen ten koste gaan van een eigen oordeel.' Hiermee haakt de auteur aan bij Aristoteles' praktische wijsheid; een filosoof die regelmatig in het boek opduikt. Dergelijke lagen geven het boek een meerwaarde in vergelijking tot bijvoorbeeld 'Puur en eerlijk' van Teun van de Keuken (2014)*. Met register.

Tekst op website uitgever
Eten staat in het centrum van de belangstelling – met culinaire hypes, bestsellers van topchefs en kritische debatten over de voedselindustrie. We willen lekker, gezond en verantwoord eten, niet te veel betalen en hebben weinig tijd. Maar hoe doen we dat: goed eten? Julian Baggini neemt ons mee op een filosofische reis langs onze culinaire gewoonten en stelt vragen als: hoe verhoudt de kennis uit een kookboek zich tot de praktische wijsheid van een Italiaanse mamma? Hoe doen we verantwoord boodschappen? Wat zegt wat we eten over onszelf? Kun je vlees eten met compassie?
Scherp en toegankelijk geschreven, en gelardeerd met verrukkelijke recepten en verhalen, zet dit boek ons aan het denken – over de deugden van het eten, en de kunst van het genieten.


Fragment uit de Inleiding
Wat de huidige voedselrenaissance ontbeert, is een rigoreuze analyse van waarom voedsel ter zake doet en wat onze relatie ermee zou moeten zijn. Zonder een dergelijke filosofie van het voedsel verwordt onze dagelijkse omgang ermee tot een inconsistent ratjetoe, ingegeven door modegrillen, gezond verstand, ingesleten opvattingen, vooroordelen en gerationaliseerde verlangens. De nieuwe eetcultuur is ook inderdaad verbrokkeld en incoherent: een afhaalmaaltijd op vrijdagavond, de boerenmarkt op zaterdagmorgen, lokale bietjes bij het avondeten, bij het ontbijt de volgende ochtend de beste geïmporteerde jus d'orange, koffie en speltbrood met gezonde koolhydraten belegd met ambachtelijk vervaardigde volvette kaas.

TED - Is there a real you? (augustus 2012)


Terug naar Overzicht alle titels

Alex Pentland

Sociale big data : opkomst van de data-gedreven samenleving
Maven 2014, 328 pagina's - € 22,--

Oorspronkelijke titel: Social physics : how good ideas spread the lessons from a new science (2014)

Wikipedia: Alex Pentland (1952)

Korte beschrijving
Het nieuwste boek van professor Alex Pentland, volgens Forbes een van de invloedrijkste data-wetenschappers ter wereld. Of we nu whatsappen, onze gps gebruiken, bellen of pinnen, we laten allemaal een spoor aan digitale 'broodkruimels' achter. Alles bij elkaar biedt deze enorme hoeveelheid gegevens een schat aan informatie: de zogenoemde big data. Pentland heeft ontdekt hoe we hier gebruik van kunnen maken om maatschappelijke problemen op te lossen. Hij presenteert revolutionaire nieuwe inzichten over hoe ideeën zich verspreiden en waar menselijk gedrag door gestuurd wordt. Pentland laat als eerste zien hoe we onze samenleving en onze organisaties beter kunnen leren begrijpen en beïnvloeden. Het boek opent de ogen voor een van de belangrijkste ontwikkelingen van de 21ste eeuw: ons gedrag is een exacte wetenschap (sociale fysica) aan het worden. Uitvoering: zwart-wit, spaarzaam geïllustreerd. Met voorwoord, dankwoord, appendices, noten en bibliografie. Interessant boek, maar te moeilijk voor een grote lezerskring.

Tekst op website uitgever
Of we nu whatsappen, onze gps gebruiken of gewoon bellen, we laten allemaal een spoor aan digitale broodkruimels achter. Bij elkaar opgeteld biedt deze enorme hoeveelheid gegevens een schat aan informatie: big data. Alex Pentland is de belangrijkste pionier op dit gebied, én degene die weet hoe we hier gebruik van kunnen maken om maatschappelijke problemen op te lossen. Volgens Forbes is hij dan ook een van de meest invloedrijke data-wetenschappers ter wereld, en Time Magazine duidt hem als een van de belangrijke denkers die de eenentwintigste eeuw vorm zal geven.

Alex Pentland presenteert revolutionaire nieuwe inzichten over hoe ideeën zich verspreiden en waar menselijk gedrag door gestuurd wordt. Hij laat als eerste zien hoe we onze samenleving, maar ook onze organisaties, beter kunnen leren begrijpen en beïnvloeden. Dankzij big data werd ontdekt hoe medewerkers van een callcenter veel productiever worden als ze meer gezamenlijke pauzes nemen, hoe je de creativiteit van steden kunt verhogen en hoe professionele beleggers een significant hoger rendement halen als je ze op bepaalde momenten minder (!) informatie geeft.

Sociale Big Data opent je de ogen voor een van de belangrijkste ontwikkelingen van de eenentwintigste eeuw: ons gedrag is een exacte wetenschap aan het worden.

Fragment uit 1. Van ideeën naar daden
De afgelopen jaren is ons leven echter drastisch veranderd door netwerken waarin mensen en computers zijn verenigd, waardoor een veel grotere participatie en veel snellere verandering mogelijk worden. Naarmate het internet ons meer met elkaar verbindt, lijken gebeurtenissen elkaar steeds sneller op te volgen. We verdrinken in informatie, zo veel informatie dat we niet weten waar we aandacht aan moeten besteden en wat we moeten negeren.
  Zodoende lijkt het soms of onze wereld op het punt staat onbeheersbaar te worden, wanneer berichten op sociale media zoals Twitter tot gevolg hebben dat de beurzen kelderen en regeringen ten val worden gebracht. Hoewel het gebruik van digitale netwerken het functioneren van de economie, het bedrijfsleven, de overheid en de politiek dus al heeft veranderd, begrijpen we de essentie van deze nieuwe netwerken van mens en machine nog altijd niet volledig. Onze samenleving is opeens een combinatie van mensen en technologie geworden die andere krachten en zwakheden heeft dan de maatschappijvormen die we tot nu toe hebben gekend. (pagina 18-19)

Citaat uit een recensie: Meer met elkaar praten, samen pauzeren en kijk: de productiviteit stijgt  (11 oktober 2014 NRC)
In dit boek betoogt Pentland dat de meest creatieve en productieve groepen ontstaan als de onderlinge betrokkenheid tussen mensen groot is en ze tegelijkertijd regelmatig met personen buiten de groep praten om tot nieuwe inzichten te komen. Vandaar de betrokken stadskernen en de flitsende centra een stukje verderop.
Pentland is hoofd van het Human Dynamics Lab aan het Massachusetts Institute of Technology (MIT0> Samen met zijn medewerkers en studenten - hij  laat niet na om in het boek steeds te benadrukken dat hij werkelijk overal bij betrokken is - doet onderzoek naar groepsdynamiek met behulp van sociale fysica, een kwantitatieve sociale wetenschap. Deze relatief nieuwe wetenschap beschrijft wiskundige verbanden tussen informatie en ideeënstromen aan de ene kant en het gedrag van mensen aan de andere kant.

Youtube: "Social Physics: How Good Ideas Spread" | Talks at Google



Terug naar Overzicht alle titels

Martha Nussbaum 3

Politieke emoties : waarom een rechtvaardige samenleving niet zonder liefde kan
Ambo 2014, 430 pagina's - € 29,95

Oorspronkelijke titel: Political emotions : why love matters for justice (2013)

Wikipedia: Martha Nussbaum (1947)

Korte bespreking
Begaanheid met anderen is essentieel voor de stabiliteit van moderne samenlevingen. Alle samenlevingen moeten nadenken over medeleven met geleden verliezen, over woede jegens onrecht en over het inperken van afgunst en afkeer, ten gunste van een alomvattende begaanheid met anderen. Als we emoties laten voor wat ze zijn, is dat voor antiliberale krachten een enorme kans om de harten van de mensen te veroveren, op het gevaar af dat mensen liberale waarden slap en saai gaan vinden. Voor de onderbouwing en illustratie van deze stelling put de auteur uit een enorme rijkdom aan kennis op het gebied van onder andere kunst, cultuur, muziek, geschiedenis, literatuur, filosofie, politiek, economie, religie en sociologie. Het resultaat is een lijvig, bijzonder erudiet, inspirerend, scherp en helder betoog over het belang van emoties in de politiek. een onderwerp waar nog weinig over geschreven is. Interessant voor wetenschappers en politici. Bevat uitvoerig notenapparaat, register en bibliografie. De Amerikaanse ethica (1947) werd in Nederland bekend door haar optreden in de reeks 'Van de schoonheid en de troost' (2000) van Wim Kayzer en door haar bezoek onlangs aan ons land.

Fragment uit 11. Waarom een rechtvaardige samenleving niet zonder liefde kan
Het ideaal is nog op een andere manier werkelijkheid: een goed ideaal aanvaardt het menselijk leven zoals het is, de mensen zoals ze zijn. Echte mensen zijn lichamelijk en behoeftig; ze hebben allerlei menselijke zwakheden en talenten; het zijn doodeenvoudige mensen, geen machines of engelen. Hoe zou een grondwet van engelen eruitzien? Hoe zou een grondwet eruitzien van olifanten, tijgers of walvissen? De natie die wij voorstellen is er een van en voor mensen (al onderhouden die allerlei gecompliceerde relaties met andere soorten), en haar grondwet is alleen maar goed voor zover ze menselijk leven aanvaardt zoals het werkelijk is. (John Rawls zag dat in; dat is dan ook de reden waarom mijn project verwant is aan het zijne en het aanvult, ook al richt ik me meer op het streven naar gerechtigheid dan op gerechtigheid die al is bereikt). (pagina 360)


Terug naar Overzicht alle titels