maandag 11 december 2017

Max Tegmark

Life 3.0 : mens zijn in het tijdperk van kunstmatige intelligentie
Maven 2017, 496 pagina's - € 24,50

Oorspronkelijke uitgave: Life 3.0 : being human in the age of artificial intelligence (2017)

Wikipedia: Max Tegmark (1967)

Max Tegmark is professor natuurkunde aan MIT en volgens Forbes een van de tien mensen die de wereld kunnen veranderen. Hij is auteur van de bestseller Our Mathematical Universe en schittert regelmatig in wetenschappelijke documentaires. Samen met onder anderen Elon Musk en Stephen Hawking zet hij zich in om de risico’s én de mogelijkheden van kunstmatige intelligentie in kaart te brengen en om onze samenleving hier beter op voor te bereiden.

Tekst op website uitgever
Max Tegmark, MIT-wetenschapper en oprichter van het Future of Life Institute, geeft in Life 3.0 een toegankelijke, nuchtere en praktische beschrijving van de gevolgen van Kunstmatige Intelligentie (KI).

Hij laat zien hoe onze banen, scholen, gezondheid, rechtspraak, politiek en talloze andere gebieden ingrijpend zullen veranderen en verkent de meest essentiële vragen van onze tijd: kunnen we onze welvaart laten groeien door automatisering?

Kunnen we garanderen dat intelligente systemen doen wat wij willen zonder te crashen of gehackt te worden? Moeten we bang zijn voor een wedloop in autonome wapens? Zullen machines ons vervangen, of zal KI het leven op aarde doen bloeien als nooit tevoren?

Van superintelligentie tot zingeving, van wat bewust zijn betekent tot de toekomst van leven in het universum: Life 3.0 stelt je in staat om deel te nemen aan de belangrijkste discussie van onze tijd.

Youtube - Prof. Max Tegmark - Life 3.0: Being Human in the Age of Artificial Intelligence



Lees vooral ook
: Homo Deus : een kleine geschiedenis van de toekomst van Yuval Noah Harari (uit 2017)

Fragment uit


Terug naar Overzicht alle titels




Jurriën Rood

Filosofie van de jamsessie : of Hoe we kunnen samenwerken in vrijheid
Lemniscaat 2017, 245 pagina's  - € 19,95

Wikipedia: Jurriën Rood (1955)

Korte beschrijving op website uitgever
Als amateursaxofonist heeft Jurriën Rood vijfentwintig jaar ervaring met het spelen in jamsessies, met alle bijbehorende hoogte- en dieptepunten. Als filosoof beschouwt hij de jam als een experiment van mensen die elkaar (nog) niet kennen en in vrijheid met elkaar samenwerken. Het is een prachtige metafoor voor het openbare leven en het publieke debat.

De vragen die bij de jam spelen, zijn vragen die ons allemaal aangaan. Waarom verloopt vrije samenwerking soms zo moeizaam? Hoeveel regels hebben we nodig en welke rol speelt autoriteit daarbij? En vooral: is het onze beperkte opvatting van vrijheid die ons hier in de weg zit? Wij denken vaak dat vrijheid wordt beperkt door regels, maar Jurriën Rood laat zien dat regels juist vrijheid kunnen schéppen, zowel in de muziek als in de maatschappij.

'De jam is een avontuur van vrijheid en spontane samenwerking. Soms. Het kan ook een opgebroken weg zijn van tegenwerking, disharmonie en stuurloosheid. Waar ligt dat aan?
Hé, houd even op met je gefilosofeer, ze zijn weer begonnen! Naar muziek moet je luisteren. Lekker nummer, dit. Hard ook. Een telefoon. Nee, nu niet, ik hoor je niet, ik zit bij de jam!'

Klik hier voor een website met achtergrondinformatie bij/over dit boek

Fragment
"Mensen die geconcentreerd werken, spelen of sporten denken niet over zichzelf na en zijn eenvoudig tevreden. Zij bevinden zich dan in de flow, een soort van trance. ‘We zijn het gelukkigst als we ons optimaal concentreren. Niet op onszelf, maar op ons handelen’, zo vat de Duitse filosoof Richard David Precht het verschijnsel samen in een boek met de veelzeggende titel Die Kunst, kein Egoist zu sein. De jamsessie op z’n best kan gezien worden als oefening in het bereiken van een gemeenschappelijke flow. En inderdaad draait het zowel bij de jam als bij andere vrijwillige collectiviteit steeds om dit punt: geen pure egoïst te zijn.

Muziekervaringen moeten niet onder te veel woorden bedolven worden, maar met het oog op de bruikbaarheid van het jam-model is het toch zinvol om de bijbehorende jamhouding expliciet te benoemen. Het is een houding die op veel andere terreinen voorkomt en er is dan ook een heel arsenaal aan termen voor beschikbaar: Onzelfzuchtigheid. Vertrouwen. Openstaan. Luisteren. Gunnen. Helpen. Dienstbaar zijn. Onbaatzuchtigheid. Een lijstje dat iedereen gemakkelijk zelf kan aanvullen. De grootste gemene deler is een ego-arme grondhouding. Of wat bescheidener: een houding die het ego niet zo groot opblaast dat het al het andere onzichtbaar maakt. Althans: die dat regelmatig weet te realiseren. Laten we dit de jam-modus noemen, als contrast met een ego-modus.

Komen we met deze jam-modus nu niet gewoon uit bij een idealistische beschrijving van de ‘goede mens’ in de ‘ideale maatschappij’, een utopische constructie die wel erg naïef is? Eigenlijk niet: we kunnen nuchter vaststellen dat de jamsessie niet utopisch is maar reëel, en dat ze op haar top inderdaad doorkijkjes biedt naar fraaie vormen van onvoorbereide samenwerking. Met deze belangrijke kanttekening: de jam-modus is geen exclusieve houding die alle andere uitsluit. Ernaast blijft de ego-modus gewoon bestaan en actief meespelen. Het resultaat is een heen-en-weer-gaan, waarbij de jamhouding de richting bepaalt.

Door beide modi als begrippen tegenover elkaar te stellen, doen we geen recht aan het idee dat het ego door de jam niet zozeer wordt uitgewist, als wel opgetild. In de jam zijn ego’s nog volop zichtbaar, naast onzelfzuchtigheid bestaat er nog steeds pure zelfgerichtheid. De jam-modus is in feite geen tegenstelling met, maar een opbouw op en verbetering van de ego-modus binnen situaties van samenwerking. Anders gezegd, het is in het belang van het ego, of van de individuele vrijheid, om eraan mee te doen: de muziek wordt er beter door. Het is óók welbegrepen eigenbelang om deze collectiviteit te ondersteunen. En omgekeerd is wat ik hier ego-modus heb genoemd, in feite een uitdrukking van kortzichtig eigenbelang: de muziek wordt op den duur saai, of erger. De gevolgen van zulk kortzichtig eigenbelang komen duidelijk naar voren in ons publieke leven".


Terug naar Overzicht alle titels

donderdag 7 december 2017

Bob Crébas

Het land van goed naar beter : op zoek naar Blue Zone NL
Water 2017, 318 pagina's - € 19,95

Wikipedia: Bob Crébas 91951) en zijn website 

Korte beschrijving op website
In ons land heeft niet iedereen het even goed. Miljoenen mensen worstelen met hun werk, inkomen, schulden, huisvesting en gezondheid. Het verschil in gezonde levensverwachting tussen arm en rijk is gemiddeld 15 jaar. Aan hun lot overgelaten burgers zijn een gewillige prooi voor nationalisten. Een fraaier perspectief bieden de Blue Zones: gebieden in de wereld waar mensen in goede gezondheid opvallend oud worden. Met de succesfactoren van de Blue Zones in het achterhoofd beschrijft dit boek hoe we iedereen een gezonde uitgangspositie kunnen geven voor een lang en gelukkig leven. Of vinden we 'goed' goed genoeg? Het Land van Goed naar Beter wil inspireren en bijdragen aan het debat over de toekomst van Nederland. Bob Crébas (1951) schrijft ongebonden en onbevangen vanuit zijn achtergrond als bijstandtrekker, werknemer, ondernemer en Marktplaats.nl miljonair. Crébas groeide op als boerenzoon in Bant, Noordoostpolder. Hij is getrouwd met Carla Wobma. Ze hebben twee zonen en zes kleinkinderen.

Bob Crébas (1951) omschrijft zichzelf op zijn website als volgt
Vanuit mijn achtergrond als werkloze bijstandtrekker, werknemer, ondernemer en marktplaats.nl miljonair schrijf ik ongebonden en onbevangen. Ik wil bijdragen aan het debat over de toekomst van ons land en een alternatief helpen formuleren tegen nationalisme. Te veel burgers vallen buiten de boot en tegen de tijdgeest in bepleit ik een zorgzame actieve overheid.

Fragment uit

Lees ook: Ons land kan menselijker : naar een economie die de samenleving verbetert van Henk van Tuinen (uit 2013) of Donuteconomie : in zeven stappen naar een economie voor de 21e eeuw van Kate Raworth.

Terug naar Overzicht alle titels

donderdag 30 november 2017

Jan Rotmans 3

Omwenteling : van organisaties, mensen en samenleving
De Arbeiderspers 2017, 160 pagina's - € 14,95

Website van Jan Rotmans (1961)

Tekst op website uitgever 
Onze samenleving en economie zijn fundamenteel aan het veranderen – we bevinden ons in een revolutionair tijdperk met grote maatschappelijke verschuivingen die chaos en instabiliteit veroorzaken. Hoe kunnen bedrijven en organisaties hierop inspelen? Wat betekent dat voor ons persoonlijke leven?
Jan Rotmans maakt de verbinding tussen hoofd, hart en handen met aansprekende verhalen van mensen die een persoonlijke transitie durfden aan te gaan in onze snel veranderende wereld, van een zorgondernemer tot een bankier, van een ambtenaar tot een politica, van een schoolleider tot een student.

Fragment uit 1. Maatschappelijke omwenteling
Over een goede afloop blijf ik optimistisch. We hebben tijd nodig, maar we leren van elke crisis. Na elke crisis kantelt een deel van de mensen en de systemen. Alles valt of staat met hoe we met de omwenteling omgaan. Hoe we disrupties gaan gebruiken en hoe wij ons daaromheen gaan organiseren. In beginsel bieden deze disrupties een unieke kans, om onze maatschappelijke systemen, zoals het financiële stelsel en de energievoorziening, decentraler, transparanter en democratischer te maken. Die kans hadden we ook toen internet opkwam, maar het internet is in handen gevallen van grote bedrijven als Google, Facebook, Apple en Amazon die een soort monopoliepositie hebben verworven op het gebied van data. Dat heeft ons eerder afhankelijker dan vrijer gemaakt, en onze systemen eerder minder dan meer democratisch. We kunnen veel leren van wat er met het internet gebeurde. Nu dreigt bijvoorbeeld de blockchain in handen te vallen van grote instituties en bedrijven, terwijl juist blockchain een uniek uitgangspunt biedt om middelen en kansen eerlijk te verdelen. Wij moeten voorkomen dat snel instappende consortia van grote bedrijven weer een machtspositie opbouwen die kan ontaarden in een monopolie. Hierbij speelt de overheid een belangrijke rol: als burgers een op maat gemaakte blockchainverzekering afsluiten, moet de overheid risicogroepen beschermen, anders moeten die vele meer gaan betalen.
  Mijn optimisme over een geslaagde omwenteling baseer ik op drie onderliggende transitiepatronen. het eerste patroon is dat technologische disruptie en maatschappelijke disruptie elkaar kunnen versterken. Anders gesteld: disruptieve innovaties kunnen disruptieve mensen helpen om zich nog beter en slimmer te organiseren. Steeds meer kennis en techniek komen in handen van gemeenschappen in een snel opkomende middenklasse, die een micromacht vormt. Je ziet dat fenomeen overal ter wereld, samen vormen zij de commonsbeweging. Zij vormen het hart van de deeleconomie, zij streven naar meer autonomie door samen te werken, kennis en expertise te delen. Wederkerigheid is hierbij het uitgangspunt, je haalt iets en brengt iets van de commons. Tal van digitale deelplatforms functioneren uitstekend en draaien daadwerkelijk om delen en samenwerken en niet om winstmaximalisatie. Democratische start-ups worden dat ook wel genoemd, als tegenhanger van de hyperkapitalistische Ubers en Airbnb's. je kunt de deeleconomie dus niet afrekenen op dergelijke bedrijven die slechts gericht zijn op winstmaximalisatie. (pagina 42-43)

Youtube - Omwenteling met Jan Rotmans

 

Lees ook van Jan Rotmans: In het oog van de orkaan : Nederland in transitie (2012) en  Verandering van tijdperk : Nederland kantelt (2014)

Terug naar Overzicht alle titels

woensdag 29 november 2017

George Monbiot

Out of the Wreckage: A New Politics for an Age of Crisis
Verso 2017, 214 pagina's - € 18,95

De vertaling verschijnt in maart 2018

Wikipedia: George Monbiot (1963)

Fragment uit een interview
Zijn nieuwste boek Out of the Wreckage gaat over hoe je met zulke verbondenheid een beweging bouwt. Hierin betoogt Monbiot dat we vastzitten aan het neoliberalisme omdat er geen alternatief politiek ‘verhaal’ beschikbaar was toen het begon te falen. Zijn boek moet dat alternatieve verhaal brengen. Let wel: geen nieuw verhaal, maar een extra spotlight op de successen van anderen in het creëren en mobiliseren van gemeenschapsgevoel. Hij heeft, zo blijkt, zijn hoop voor de wereld gevestigd op ‘community’, gemeenschap. Daarop zou de milieubeweging haar strategie moeten bouwen. Want, zo zegt hij, “dat gemeenschap iets goeds is, is een van de weinige dingen waar men over alle politieke lijnen heen achter kan staan”.

“Het is essentieel dat we de politieke kloof met ‘rechts’ dichten”, zegt Monbiot, die zichzelf neerzet als iemand met doorgaans sterk linkse sympathieën. Omdat de manier waarop we over voor ons belangrijke onderwerpen spreken, vervreemdend kan werken voor de mensen met wie we willen praten. “Ik weet dat ik een van de ergsten ben; ik heb waarschijnlijk een heleboel mensen vervreemd. Maar het is belangrijk om te zoeken naar een manier van praten die niet noodzakelijk op de verkeerde knoppen drukt, zodat mensen zich direct afsluiten. Het punt waarop we elkaar raken en waar mensen aan de linkerkant hun principes niet hoeven te verlaten, is gemeenschap. Een sterk gemeenschapsgevoel wordt door iedereen gezien als iets goeds.”


Artikel: George Monbiot: “Het is essentieel dat we de politieke kloof met ‘rechts’ dichten” (Down to earth, oktober 2017)

Fragment uit een recensie
That this is happening now, as opposed to 10 or 20 years ago, is a direct consequence of the disintegration of the economic policy framework that has held sway in Britain, the US, the European commission and many multilateral institutions for much of the previous 40 years. That framework is often referred to as “neoliberalism”, even if the term irritates a certain class of pundit, for whom it is some sort of swearword without any clear referent. Its disintegration is producing conflicting sympathies, as many on the left come to realise the xenophobia that can be unleashed in the absence of stable market-based rules.

For George Monbiot, neoliberalism should best be understood as a “story”, one that was conveniently on offer at precisely the moment when the previous “story” – namely Keynesianism – fell to pieces in the mid-1970s. The power of stories is overwhelming, as they are “the means by which we navigate the world. They allow us to interpret its complex and contradictory signals”. The particular story of neoliberalism “defines us as competitors, guided above all other impulses by the urge to get ahead of our fellows”.

This story may not have been all that attractive, but it provided meaning and clarity. It offered a guide on what to do and how to live. With the rise of Margaret Thatcher and Ronald Reagan, neoliberalism came to govern how policies were designed and institutions constructed. More diffusely, it came to shape how we understand ourselves, leading us to take on ever more responsibility for our own needs, economic security and wellbeing, devaluing social bonds and dependency in the process.

Artikel: Out of the Wreckage by George Monbiot review – the thrill and danger of a new left politics  (Guardian september 2017)

Fragment uit

Terug naar Overzicht alle titels

Bruno Latour

Oog in oog met Gaia : acht lezingen over het Nieuwe Klimaatregime
Octavo 2017, 432 pagina's - € 27,-50

Oorspronkelijke titel: Face à Gaïa: Huit conférences sur le Nouveau Régime Climatique (2015)

Wikipedia: Bruno Latour (1947)

Tekst op website uitgever
In Oog in oog met Gaia stelt de Franse filosoof en wetenschapsantropoloog Bruno Latour dat de natuur niet langer de stabiele achtergrond vormt van ons doen en laten. We zijn toegetreden tot het tijdvak van het Antropoceen. In dat tijdvak dringen de ecologische gevolgen van het menselijk handelen zich hardhandig op de voorgrond. We meenden dat er vrede heerste, maar we zijn in oorlog.
De ecologische mutatie die zich voltrekt, betitelt Latour als het Nieuwe Klimaatregime. De oude natuur wijkt voor een wezen in beweging, waarin menselijke activiteit en natuurlijke wereld talloze onverwachte verbindingen aangaan: Gaia.
Latour neemt de controversiële Gaia-hypothese van James Lovelock als uitgangspunt, en zet daarnaast rechtsfilosofie en kunst in om de politieke, religieuze en wetenschappelijke dimensies van het verouderde natuurbegrip te ontwarren. Zo legt hij in dit ongemeen rijke en verrassende boek de basis voor een hoogst noodzakelijke politisering van de ecologie – voor onze terugkeer op Aarde.

Dit boek is voortgekomen uit een cyclus van lezingen in Edinburgh. De lezingen zijn uitgebreid en volledig herschreven, met behoud van de oorspronkelijke toon en stijl. Latour koppelt denken-in-actie en humor aan een fabelachtige eruditie, maar schuwt de polemiek niet.

Bruno Latour is als hoogleraar verbonden aan Sciences Po in Parijs.

Fragment uit

Terug naar Overzicht alle titels

Marte Kaan

Onderbuik : Nieuw Licht op redelijkheid
Ambo Anthos 2017, 112 pagina's - € 10,--

Wikipedia: Femke Halsema (1966)

Tekst op website uitgever
Wees toch eens redelijk! Die oproep is een erfenis van het verlichtingsdenken, waarin geloof en bijgeloof plaatsmaakten voor redelijkheid. In een wereld zonder God zou de rede onze redding zijn. Maar biedt de rede nog wel soelaas als behalve God ook feiten objectiviteit in diskrediet zijn geraakt?

Schrijfster en psychologe Marte Kaan ziet tijdens haar therapeutische sessies dat redelijkheid ons meer ontglipt naarmate we sterker naar redelijkheid verlangen. Aan de hand van psychoanalyticus en filosoof Erich Fromm laat Kaan zien dat een redelijk mens vooral ook emotioneel vaardig moet zijn. Wie schijnbaar overtrokken, ongepaste en schaamtevolle gevoelens serieus neemt, leert dat de onderbuik recht van spreken heeft.

Fragment uit (de) Proloog
Het opvallende is dat het verlangen naar redelijkheid groter lijkt te worden zodra we erachter komen dat de redelijkheid ons ontglipt. Ik zie dat in extremis gebeuren in mijn werk met verslaafde cliënten: in de diepe vertwijfeling die hoort bij het moment waarop ze aan zichzelf ten onder dreigen te gaan, draait het verstand overuren. Ze weten precies hoe alles bij hen werkt en wat ze moeten doen. Het is goed dat ze weer een misstap hebben gemaakt, zo redeneren ze, dan weten ze immers precies waarom ze willen stoppen. En dat doen ze. Morgen. Dit keer echt. Overtuigd van deze gedachte, tot het moment dat zich een nieuwe gedachte aandient: dit is niet het juiste moment, ik heb het verdiend, hoeveel kwaad kan dit nou, het is beter om morgen te stoppen want X, Y of Z.
Ook de niet-verslaafden onder ons zoeken houvast in het denken, of het nu gaat om onze mentale en lichamelijke gezondheid, onze relaties of ons professionele bestaan. Deskundigen vertellen ons in bladen, boeken en blogs hoe we onszelf het best kunnen beheersen, verbeteren en controleren. De vraag is hoeveel we daarmee opschieten, immers: hoe redelijker (rationeler) we proberen te zijn, des te meer dreigt de controle ons te ontglippen.
Er bestaat een ander, completer soort redelijkheid, een gevoelde, doorleefde vorm die ontstaat uit denken én voelen: de redelijkheid van de onderbuik. Dat klinkt tegenintuïtief: de onderbuik wordt doorgaans geassocieerd met kleingeestige oordelen en opvattingen, met kort-door-de-bocht, uitsluiting, veroordeling en discriminatie. De onderbuik, dat is nieuwrechts, dat zijn Henk en Ingrid. Maar de Henken en Ingrids zijn onderbuik zonder verstand, ze laten zich door hun niet-pluisgevoel regeren en durven geen vragen meer te stellen. (pagina 17-18)

Fragment uit het zwijgen van mr. SinghIk stond niet alleen in mijn belangstelling voor oosterse spiritualiteit, de komst en het succes van Happinez en de Boeddha beelden bij Intratuin waren een duidelijk signaal. Mensen voelden energie, bleken aura's te ontwaren en aardstralen te registreren en vertelden zonder blikken of blozen dat ze een steen of een magneet onder hun bed hadden liggen.
  Het schijnbaar irrationele dat mij aanvankelijk aantrok ging me tegenstaan, vooral vanwege het narcistisch masochisme van zelfbenoemde yogi's en andere verlichte geesten. Ik bespeurde bij dit soort mensen vaak eerder hoog- dan ruimhartigheid, ze leken zich meer met zichzelf bezig te houden dan zich te interesseren voor de mensen en de wereld om hen heen. Spiritualiteit was cool geworden, een lifestyle.
  Rond die tijd diende zich voor mij een ogenschijnlijk betere oplossing aan: de chemische weg naar het nirwana, xtc. Wat het zo bijzonder maakte was het volledig stilvallen van het denken  en een helder en scherp (en woordeloos) bewustzijn van dat stil zijn. Het is denk ik het beste te vergelijken  met het gevoel iets vergeten te zijn. Dat klinkt nu niet per se als een aanbeveling, maar er is iets onweerstaanbaars aan om even helemaal niet meer te weten waar je bent, in tijd, plek of gedachten - ik denk aan het spelletje dat ik als kind deed waarbij ik mijn ogen dichtdeed als ik achter in de auto zat en probeerde na te gaan waar ik was en er volkomen naast zat. De nadruk ligt hierin op het woord 'even',  want zou het moment van desoriëntatie voortduren dan zou ik in paniek raken. Het (even) niets weten kan als een bevrijding voelen, en voor mij was dat de openbaring: het rekken van de vergetelheid, het helemaal niet (hoeven) weten, omdat mijn denken stillag, er hoefde niets gedacht of geweten te worden. Zonder paniek. (pagina 40-41)


Marte Kaan werpt Nieuw Licht op Liefhebben : een kunst, een kunde van Erich Fromm (uit 1962)

Startpagina Nieuw Licht

Terug naar Overzicht alle titels

maandag 13 november 2017

Noam Chomsky

Het einde van de Amerikaanse droom : de tien principes voor de concentratie van rijkdom en macht
Ten Have 2017, 197 pagina's - € 19,99

Oorspronkelijke titel: Requiem for the American dream : the 10 principles of concentration of wealth and & power (2017)

Wikipedia: Noam Chomsky (1928)

Tekst op website uitgever
In Het einde van de Amerikaanse droom ontleedt legendarische activist en filosoof Noam Chomsky messcherp de opkomst van het neoliberalisme. Actueler dan ooit stelt Chomsky dat de American Dream in rook is opgegaan, onder andere door de ongekende inkomensongelijkheid die de hoop van de gewone Amerikaan op een betere toekomst teniet heeft gedaan. De gevolgen daarvan zijn niet alleen funest voor de Verenigde Staten, maar evengoed op globaal niveau.

Chomsky formuleert tien principes die leiden tot een ongekende concentratie van rijkdom en macht, zoals het gebruik van angst en de ondermijning van solidariteit. Zijn grondige kritiek is geënt op overheids- en bedrijfsdocumenten, maar ook op filosofen als Aristoteles, Adam Smith en Malcolm X. Het einde van de Amerikaanse droom is een indringende diagnose van een zieke Amerikaanse samenleving.


Fragment uit Principe #3 - Verbouw de economie
Uit de paragraaf: Offshoring
De zogenaamde 'vrijhandelsverdragen' hebben eigenlijk helemaal geen betrekking op vrije handel. Het handelssysteem is opnieuw opgebouwd met de heel expliciete opzet om arbeiders van over de hele wereld met elkaar te laten concurreren. Dat heeft geleid tot een teruggang in het aandeel van het nationala inkomen dat afkomstig is uit arbeid. Dit is heel duidelijk zichtbaar in de Verenigde Staten, maar het gebeurt overal ter wereld. Het komt erop neer dat een Amerikaanse arbeider concurreert met een zwaar uitgebuite arbeider in China.
  Iets wat niet losgezien kan worden daarvan is dat de ongelijkheid in China zelf enorm is toegenomen. China en de Verenigde Staten zijn in dit opzicht de extreemste voorbeeldne. Er zijn in China een heleboel arbeidsconflicten waarbij mensen tegen die ongelijkheid in het geweer komen, maar het is een keihard regime. De strijd om meer rechten voor arbeiders verloopt moeizaam, maar er gebeurt wel iets, niet alleen in China maar over de hele wereld. De waarden die de Verenigde Staten exporteren zijn de concentratie van rijkdom, belasting op arbeid, het ontnemen van rechten, uitbuiting enzovoorts. Zo gaat het toe in de echte wereld. Dat is een automatisch gevolg van het zodanig inrichten van handelssystemen dat die de rijken en bevoorrechten beschermen.
  In de industriële sector van de Verenigde Staten ligt de werkeloosheid tegenwoordig op hetzelfde niveau als tijdens de Depressie van de jaren dertig, maar er is een fundamenteel verschil - die banen komen niet meer terug, in elk geval niet onder het huidige overheidsbeleid, De banen in de maakindustrie komen pas terug als het sociale beleid verandert. Want degenen die de leiding hebben over onze samenleving, de 'meesters van de mensheid', om nogmaals Adam Smiths uitdrukking te lenen, hebben andere plannen. Ze hebben er geen belang bij om grootschalige industriële productie te laten terugkeren naar de Verenigde Staten, want ze kunnen meer winst maken door supergoedkope arbeidskrachten uit te buiten in landen zonder ook maar enig milieubeleid. (pagina 54-55)

Youtube - Professor Noam Chomsky & Filmmakers - Q&A for "Requiem for the American Dream" (4-22-16)





Lees bijvoorbeeld ook:
Koen Haegens. De grootste show op aarde : de mythe van de markteconomie (2015)
Dani Rodrik. De globaliseringsparadox : waarom mondiale vrijhandel, de natiestaat en democratie niet samengaan (2015)
Mariana Mazzucato. De ondernemende staat : waarom de markt niet zonder overheid kan (2015) of
Kate Raworth. Doughnut economics : seven ways to think like a 21st century economist (2017)

Terug naar Overzicht alle titels

donderdag 9 november 2017

Lieve Goorden

De sprong in de techniek : nadenken over wat we doen
ISVW Uitgevers 2017, 216 pagina's -  € 17,50

ISVW: Lieve Goorden (19?)

Korte beschrijving
Wetenschap levert neutrale feiten; het is aan mensen om daar al dan niet iets mee te doen. Deze tweedeling lijkt simpel en hanteerbaar, maar is helaas volkomen uit de tijd. Want de moderne natuurwetenschap is niet alleen onvoorstelbaar complex en abstract, zij oefent rechtstreeks grote invloed uit op de vormgeving van het menselijk leven, zij is er in hoge mate mee verweven. Denk bijvoorbeeld maar aan digitalisering, aan kunstmatige intelligentie of aan het sleutelen aan erfelijk materiaal.

Lieve Goorden, als onderzoekster verbonden aan de Universiteit van Antwerpen, brengt de problematiek in kaart. Haar uitgangspunt daarbij is het denken van Heidegger en Hannah Arendt. En haar doel is 'de lezer aan te zetten tot iets waarvoor Hannah Arendt een felle oproep doet: laten we nadenken over wat we doen.' Bevat literatuurlijst.

Fragment uit IX - Techniek wordt intelligent
Artificiële intelligentie van hoog kaliber
In een open brief uiten Stephen Hawking, Bill Gates en Elon Musk hun vrees voor boosaardige kunstmatige intelligente wezens die ooit de wereld van ons zouden kunnen overnemen: 'Success in creating Artificial Intelligence would be the biggest event in human history. Unfortunately, it might also be the last.' Dat een toekomst met artificiële intelligentie allicht spannend zal worden is iets wat ook makers van sciencefictionfilms niet is ontgaan. Want over één ding zijn alle experts het eens: een artificieel intelligent systeem zal in de toekomst autonoom en vrij kunnen handelen, leren en zich aanpassen aan nieuwe situaties.
  Maar is een doembeeld met betrekking tot artificiële intelligentie wel gerechtvaardigd? Is een zwartgallig scenario sowieso onafwendbaar? Ik denk van niet. Tenminste, als het effectief onze ambitie is om ooit artificiële intelligentie van hoge kwaliteit te creëren, om een wezen te ontwerpen dat qua intelligentie een vergelijking met de mens kan doorstaan. In dat geval kan het helpen om onszelf de vraag te stellen: wat juist heeft ons in de loop der tijden tot intelligente wezens gemaakt? En wat houdt die intelligentie precies in, over welke bekwaamheden hebben we het dan? Want als we op termijn daadwerkelijk kunstmatige intelligentie in ons midden hebben - 'in de stad' -  willen introduceren, dan kan zulke reflectie nog van pas komen. Al was het maar dat we daaruit kunnen leren, hoe de grillen en de eigenzinnigheid van ene naar de natuur geboetseerd intelligent systeem, in goede maatschappelijke banen te leiden. (pagina 155-156)


Terug naar Overzicht alle titels

Jochanan Eynikel

Robot aan het stuur : over de ethiek van techniek
Lannoo Campus 2017, 152 pagina's - € 16,99

Etion: Jochanan Eynikel (1981)

Korte beschrijving
De techniek, en specifiek de digitale wereld, gaat in allerlei vormen het dagelijks leven ondersteunen en vergemakkelijken - en gevoelsmatig wellicht overheersen. De auteur, filosoof en expert mensgericht ondernemen, beschouwt vanuit filosofische hoek de mogelijkheden en ontwikkelingen van die techniek en vooral de reactie van de mens. Deze beschouwing wordt via talloze dagelijkse voorbeelden heel duidelijk verteld en stemt zeker tot nadenken. Doel is om beide partijen, de mens en de industrietechnologen, ervan te overtuigen dat een goede en verantwoorde acceptatie alleen wordt bereikt door het verenigen van makers en gebruikers. De senioren voor wie deze technologie heel goed kan aansluiten bij de kwaliteitsverbetering van het dagelijks leven, maar ook de werkenden die banenverlies vrezen door automatisering en zich moeten realiseren dat een beroep voor het leven steeds moeilijker te vinden is, komen in de beschouwingen uitgebreid aan bod. Toegankelijk geschreven en vormgegeven, met informatieve kaders, tabellen en grafieken, en enkele zwart-witfoto's. Met literatuurlijst.

Fragment uit hoofdstuk 3. Een morele analyse van disruptieve technologie
Naar artificiële morele intelligentie?
De grote uitdaging bij het simuleren van moraliteit in een computerprogramma is dat hij een belangrijke component van moreel gedrag ontbreekt, namelijk het inlevingsvermogen in anderen en de ervaring van menselijke kwetsbaarheid. Bovendien is die empathie niet neutraal. Zo zullen veel mensen zichzelf schade toebrengen om hun eigen kind te beschermen, maar veel minder om een onbekende persoon op straat te redden. Moeten robots daar rekening mee houden? Anderen argumenteren dan weer dat een robot net moreler zal zijn door neutraliteit. Zo zouden militaire robots zich niet laten leiden door wraak of andere emoties die soldaten in hoge stresssituaties tot immoreel gedrag kunnen doen overgaan.

Het probleem met emoties is dat ze ons enerzijds kunnen verblinden - zoals bij woede - maar aan de andere kant een wezenlijk onderdeel zijn van ethiek. Ethiek is meer dan rekenen of regels volgen. Als mens zullen we de regels soms bewust overtreden om erger kwaad te voorkomen. Meer nog, de wet gaat er vanuit dat een goedaardig persoon op basis van zijn geweten soms bewust bepaalde wetten zal en mag overtreden om erger te vermijden. Zo zal iemand die een volle witte lijn overschrijdt om een plots opduikend kind te ontwijken, allicht niet gestraft worden. De wet en ethiek liggen idealiter dicht bij elkaar, maar overlappen elkaar niet altijd. Een zelfrijdende wagen die altijd de wet volgt kan de gezondheid ernstig schade toebrengen. Dé grote uitdaging voor programmeurs van slimme robotica zoals zelfrijdende wagens ligt in het programmeren van iets wat eigenlijk nooit volledig te coderen valt. (pagina 100-101)

Youtube - Beyond the bloody math - Jochanan Eynikel @ Digityser from Etion (Engelstalig)



Terug naar Overzicht alle titels



Wouter van Bergen 2

De robots komen eraan! : feit en fictie over de toekomst van intelligente machines
Business Contact 2016, 175 pagina's - €19,99

Korte beschrijving
De titel geeft al aan dat we hier met een wat populaire benadering van het thema robots van doen hebben. Het gaat over de diverse industriële types maar ook over meer 'sociale' robots waar we in het maatschappelijk en persoonlijk verkeer meer mee te maken zullen krijgen, zoals zelfrijdende auto’s. Er wordt verder ingegaan op mogelijke maatschappelijke gevolgen (werkgelegenheid) en toekomstscenario’s. Een stelling neemt de auteur niet in. Alles blijft open. Het thema dat de auteur oppakt, is beslist actueel, en dat is een verdienste. De oppervlakkige en weinig visionaire uitwerking is echter onbevredigend. Het blijft allemaal op journalistiek niveau hangen. Overigens bevat het boek slechts dertien illustraties, alle in zwart-wit. Mensen die willen weten wat de technische stand van zaken op het gebied van robots is en wat er op ons afkomt, zullen hier zeker iets van hun gading vinden. De auteur is financieel-economisch journalist bij de Telegraaf. Hij schreef eerder de boeken 'Banken, bubbels en bonussen' (2010) en als co-auteur 'De kleine Piketty' (2014).

Fragment uit 3 De robot (r)evolutie
Zelfstandig kennis opdoen zoals de mens - unsupervised learning - is een van de hindernissen die nog genomen moeten worden, en niet de kleinste volgens Yan Lecun, hoofd van de afdeling die bij Facebook onderzoek doet naar kunstmatige intelligentie. Als intelligentie een taart is, dan vormen de technieken waarmee de laatste tijd veel vooruitgang is geboekt het glazuur en de kers, maar is unsupervised learning de taart zelf, vindt Lecun: 'We weten nu hoe we het glazuur en de kers moeten maken, maar de taart zelf lukt nog niet. We zullen eerst het probleem van unsupervised learning moeten oplossen voordat we ook maar kunnen nadenken over echte kunstmatige intelligentie. En wie weet welke hindernissen er daarna nog komen.'
  Toch geloven de meeste experts dat nog deze eeuw machines de mens in intelligentie zullen evenaren, waarschijnlijk gevolgd door machines die eerst een beetje en daarna veel slimmer zijn dan wij. De consequenties daarvan voor de mens zijn waarschijnlijk niet te bevatten, aangezien we per definitie te dom zijn om te voorzien wat zo'n superintelligente computer van plan zal zijn als die een IQ heeft dat tientallen keren zo hoog is als dat van de slimste mens. (pagina 47-48)

Terug naar Overzicht alle titels

woensdag 8 november 2017

Hans Schnitzler 2

Kleine filosofie van de digitale onthouding
De Bezige bij 2017, 128 pagina's - € 12,99

Hans Schnitzler (1968) en zijn website   

Korte beschrijving
Hans Schnitzler is filosoof en schrijft essays voor landelijke bladen en schreef in 2015 het boek Het digitale proletariaat . Nu beschrijft hij wat digitale onthouding - een aantal weken leven zonder online te zijn - met je doet en hoe dat komt. Aan de hand van een aantal filosofen, onder wie Plato, McLuhan, Hannah Arendt en Susan Sontag, beschrijft hij het proces van vervreemding dat optreedt op het moment dat je de digitale wereld betreedt. Gaat dieper in op deze materie dan soortgelijke werken. Wel schetst de auteur een doemscenario ten aanzien van de digitalisering van onze wereld. De vraag is of het allemaal zo zwart-wit is, maar het zet zeker aan tot nadenken. Niet eenvoudig geschreven en vereist filosofische voorkennis. Met noten en literatuurlijst.

Korte beschrijving
 Wat gebeurt er als je offline gaat in een wereld die altijd online is? Als je je telefoon opzijlegt, wat komt er dan voor in de plaats? Heb je nog vrienden? Besta je überhaupt nog? Filosoof Hans Schnitzler gaat in gesprek met millennials die een digitale detox hebben ondergaan. Hun ervaringen schetsen een even herkenbaar als onthutsend beeld van de worstelingen van de smartphone-mens. We zijn voortdurend bereikbaar en verbonden, maar welke prijs betalen we daar eigenlijk voor? Kleine filosofie van de digitale onthouding laat van binnenuit zien wat het betekent om in een schermwereld te leven. Dit boek roept op tot bezinning over de eisen die de digitale werkelijkheid aan ons stelt.

Fragment uit Smartphone uit, Werkelijkheid aan?
Misschien moet je concluderen dat Plato's ideeënwereld naar Silicon Valley is verhuisd, daar waar de blauwdruk voor onze werkelijkheid in toenemende mate gestalte krijgt. Waar het individu bij Plato zich al denkend kon bevrijden uit de schijnwereld, ligt dat voor de gemiddelde datamens buiten bereik. De broncode voor zijn alledaagse bestaan is raadselachtig geworden, verborgen in data, zelflerende algoritmen en andere vormen van kunstmatige intelligentie die zijn verstand en zijn fantasie volledig te boven gaan. Meer dan ooit geldt: de mens is een antiek meubelstuk in een hypermodern ingerichte kamer. Een deel van het ongemak over het leven in het gedigitaliseerde ondermaanse moet, enigszins vooruitlopend op de zaken, hier bezocht worden.
  Tezelfdertijd raken geavanceerde media steeds nauwer verweven met onze leefwereld en worden ze steeds bepalender voor de wijze waarop we waarnemen, voelen, denken en voelen. De moderne techniek dringt door tot in de kleinste haarvaten van het maatschappelijk weefsel, tot op het punt dat we in cyborgs transformeren - half mens, half machine. In deze zin wordt de afstand tussen de ene (analoge) en de andere (digitale) wereld niet groter en abstracter, maar juist kleiner en intiemer. Geavanceerde toepassingen - ook wel afgekort als de NBIC-technologieën, oftewel nano-, bio-, informatie- en cognitietechnologieën - smelten steeds meer samen en zijn steeds beter in staat de menselijke natuur in kaart te brengen en na te bootsen. Dat brengt allerlei voordelen met zich mee, denk aan innovaties op het gebied van de gezondheidszorg, maar het invasieve karakter waarmee sommige techniektoepassingen de intieme leefsfeer binnendringen, roept tegelijkertijd techno-claustrofobische gevoelens op. (pagina 23-24)

Lees ook: Het digitale proletariaat van Hans Schnitzler (2015)

Het Filosofisch kwintet
Op 29 oktober 2017 werd in dit Human-tv-programma gesproken over aspecten die Hans Schnitzler aansnijdt. Hij was een van de deelnemers. Titel: Zijn wij marionetten van de datareuzen?  Ook Philipp Blom, de Duitse historicus, was aanwezig; van hem verscheen onlangs Wat op het spel staat, dat hier ook bij aansluit.

Enkele andere boeken
Andrew Keen. De digitale afgrond : hoe de huidige sociale online revolutie ons eenzamer en hulpelozer maakt (2012)
Nicholas Carr. De glazen kooi : wat automatisering met ons doet (2014)
Manfred Spitzer. Digitale dementie : hoe wij ons verstand kapotmaken (2013)
Evgeny Morozov. Om de wereld te redden, klik hier (2014)
Alex Pentland. Sociale big data : opkomst van de data-gedreven samenleving (2014)

Terug naar Overzicht alle titels

woensdag 25 oktober 2017

Philipp Blom 2

Wat op het spel staat
De Bezige bij 2017, 223 pagina's € 19,99

Oorspronkelijke titel: Was auf dem Spiel steht (2017)

Wikipedia: Philipp Blom (1970)

Tekst op website uitgever
Wat als een historica over vijftig jaar terugkijkt naar het begin van de 21ste eeuw? Zij zal versteld staan dat wij – verblind door onze dagelijkse beslommeringen en ons kortetermijnperspectief? – de twee grootste bedreigingen die homo sapiens te wachten stonden niet zagen: een wereldomvattende klimaatcrisis met alle gevolgen van dien, en de digitalisering van arbeid die leidde tot massawerkloosheid en een algeheel verlies van zin en betekenisgeving. 

In Wat er op het spel staat analyseert Philipp Blom het historische scharnierpunt waarop wij ons bevinden aan de hand van verhelderende parallellen met andere historische aardverschuivingen, zoals het einde van het Romeinse Rijk, de Verlichting en de Duitse Weimarrepubliek. Het resultaat is een vlammend betoog vol sterke beelden en scherp verwoorde inzichten, dat iedereen zou moeten lezen die zich zorgen maakt over de toekomst van wat wij voor waardevol houden: vrijheid, tolerantie, het klimaat, arbeid, democratie en mensenrechten.


Fragment uit No Future, Inc
  Waarom, zo zou onze historica zich afvragen, klampten de mensen zich in die tijd zo vast aan een economisch model dat gevaarlijk en achterhaald was, waarom zijn er geen massademonstraties en gewapende opstanden geweest om een snelle en resolute verandering teweeg te brengen? Waarom hebben ze hun eigen wetenschappers niet geloofd? In die tijd was een ommekeer misschien nog mogelijk geweest. Hebben de mensen dan niet geweten dat sinds het begin van de metingen zestien van de zeventien warmste jaren zich tussen 2000 en 2017 hebben voorgedaan? Hebben ze nooit een fabriek gezien die toen al bijna zonder menselijke arbeid uit kon? Hebben ze gewoon hun ogen niet willen geloven, of hebben ze en om een bepaalde reden geweigerd consequenties te trekken uit wat ze zagen?
  In plaats van een antwoord een sfeerbeeld: de rijke, democratische landen, de grote economische machten, de G7 of G8, de voormalige koloniale machthebbers en voormalige industriële gebieden zijn afgegleden naar een reactionair tijdperk. Hun dierbaarste gevoel is nostalgie. Ze willen geen toekomst. Toekomst is verandering, en verandering is verslechtering, betekent migratie van miljoenen mensen, klimaatverandering, ineenstortende sociale systemen, exploderende kosten, bommen in nachtclubs, milieuverontreiniging, verblekende koraalriffen, het massaal uitsterven van soorten, falende antibiotica, overbevolking, islamisering, burgeroorlog. De toekomst moest voorkomen worden. De mensen in rijke landen willen maar één ding: dat het heden nooit eindigt.
  De politiek sprak vroeger in visies, en die visies waren moorddadig. tegenwoordig hebben we realistischer aanspraken. Politiek wordt zakelijk bestuur, verwachtingsmanagement, customer service. Alleen feelgood-goeroes. Silicon Valley-types en sekteleiders hebben het nog over Utopia, over ene betere wereld die voor ons ligt en waarin de problemen van onze tijd nog maar herinneringen zijn. Voor de rest zijn de projecties van onze toekomst stuk voor stuk troosteloos tot wanhopig: Michel Houellebecq en Hollywood, Lars von Trier en langlopende wetenschappelijke studies, Cormac McCarthy en talloze computerspelletjes tonen ons anti-utopieën. Er stroomt vage paniek door onze aderen. In de rijke wereld gelooft amper iemand nog dat het zijn eigen kinderen beter zal gaan, dat hard werken beloond wordt, dat politici in het belang van hun kiezers willen of kunnen handelen, dat de mensheid een betere tijd te wachten staat. Dan maar liever geen verandering. Zo wordt het hoogste doel het handhaven van de status quo.
  Maar de veranderingen, het getijde van het nieuwe, wordt sterker. Ze verjaagt miljoenen mensen door droogte en overstromingen en drijft ze op de vlucht; in rijke landen ontneemt ze onverbiddelijk steeds meer mensen hun baan, schept onzekerheid, dijt de ons vertrouwde grootte van de wereld uit en krimpt die in, elke stap en elke kleine moeite voelt onverwacht en kunstmatig aan. Een wijdverbreid gevoel dat nog niet tot begrip gestold is, zegt ons dat we de controle aan het verliezen zijn, dat niets meer is wat het ooit was, dat we niet meer kunnen controleren en begrijpen at er op het ogenblik aan de hand is. We klampen ons dus vast aan wat we kennen, aan wat we comfortabel vinden. De toekomst is per slot van rekening toch al onzeker. (pagina 15-17)


Vanaf 30:40 komt Philipp Blom aan het woord

 


Het Filosofisch kwintet
Op 29 oktober 2017 werd in dit Human-tv-programma gesproken over aspecten die Philipp Blom aansnijdt. Hij was een van de deelnemers. Titel: Zijn wij marionetten van de datareuzen?  Ook Hans Schnitzler, de Nederlandse filosoof, was aanwezig; van hem verscheen onlangs Kleine filosofie van de digitale onthouding, dat hier ook bij aansluit.


Artikel:
Philipp Blom. Wat op het spel staat (oktober 2017)
Lees ookHet verborgen genootschap : de vergeten radicalen van de Verlichting (2010)

In de literatuurlijst staan o.a. deze boeken
Rutger Bregman. Gratis geld voor iedereen (2014)
Erik Brynjolfsson & Andrew McAfee. Het tweede machinetijdperk : hoe de digitale revolutie ons leven zal veranderen (2014)

Martin Ford. De opmars van robots : hoe technologie veel banen zal doen verdwijnen (2016)
David Graeber. Schuld : de eerste 5000 jaar (2012)
Tony Judt. Het land is moe : verhandeling over onze ontevredenheid (2010)

Paul Mason. Postkapitalisme : een gids voor de toekomst (2016)
Pankaj Mishra. Tijd van woede : een geschiedenis van het heden
 (2017)
Jan-Werner Müller. Wat is populisme? (2017)
Michael Sandel. Niet alles is te koop : de morele grenzen van marktwerking (2014)
Richard Sennett. De ambachtsman : de mens als maker (2008)
Richard Sennett. Samen : een pleidooi voor samenwerken en solidariteit (2016)
David Van Reybrouck. Tegen verkiezingen (2013)  

Paul Verhaeghe. Identiteit (2012)

Terug naar Overzicht alle titels

zaterdag 14 oktober 2017

Maxim Februari

Klont
Prometheus 2017, 272 pagina's - € 19,99

Wikipedia: Maxim Februari (1963)

Tekst op website uitgever
Bodo Klein heeft zich op het ministerie van Veiligheid onmogelijk gemaakt en moet een paar weken in de luwte blijven. Zo kan hij mooi een opdracht uitvoeren voor zijn minister: hij wordt op pad gestuurd om verdachte uitspraken te onderzoeken van de wereldberoemde spreker Alexei Krups. Helaas komt op hetzelfde moment de familie van zijn vrouw logeren.
Alexei Krups reist intussen rond met een bejubelde lezing over digitale technologie. Door het gebruik van data en kunstmatige intelligentie zullen de roman en de politiek teloorgaan, waarschuwt hij opgewekt. Halverwege zijn tournee merkt Krups tot zijn verbazing dat hij een groot expert is geworden op het gebied van alle denkbare technologieën. Zijn roem dwingt hem steeds boudere uitspraken te doen. Maar wat weet hij er eigenlijk van?
'De grootste vraag van de huidige tijd is hoe de mens greep houdt op zijn leefwereld', zegt een collega van Alexei Krups. Leren we de wereld en de mens beter begrijpen door de vooruitgang? Of zorgt het menselijk tekort ervoor dat we juist alle controle verliezen?

Schrijver, jurist en filosoof Maxim Februari debuteerde in 1989 met de roman De zonen van het uitzicht en ontpopte zich in de bijna dertig jaar die volgden tot een van de scherpzinnigste en origineelste denkers van ons taalgebied. In 2007 publiceerde hij de grote roman De literaire kring, die nationaal en internationaal bejubeld werd. Het boek won de Annie Romein-Verschoorprijs en behaalde de shortlist van de Libris Literatuurprijs en de Gouden Uil Literatuurprijs en de longlist van de International impac Dublin Literary Award. In 2008 ontving Februari de Frans Kellendonkprijs voor zijn gehele oeuvre.

Fragment uit
Klont was natuurlijk een gezellig woord. Alle vrouwen die ik ken hadden er weer andere associaties bij. De een had het wel eens vertederd gebruikt als koosnaampje, de ander kende het als een ouderwets meelgerecht, de derde probeerde op tijd 'klont!' te roepen als ze eigenlijk wilde gaan vloeken. Ik had het woord zelf nog nooit gebruikt.
  Toen ik het voor het eerst tegenkwam, dacht ik zoals gezegd dat de klont een kluwen was van systemen die met elkaar in de knoop kwamen, en dat alleen al was spectaculair genoeg. Angstaanjagend. Niet dat ik dacht dat er iemand achter zat, maar dat was juist het angstaanjagende. Er viel geen gemoedelijke maffia achter te ontdekken, geen odskool, veriligheidsdienst, geen spannende kaste van satanisten of salafisten, zelfs geen hippe kring van hackers, black T-shirts, slimme meisjes en jongens met overspannen verwachtingen van zichzelf die slimme dingen deden met patronen en profielen. Niemand. Louter amorfe verzamelingen instructies die onderling botsten: de klont.
  Toen, in de begintijd van mijn lezing, besefte ik meteen dat ik er een verhaal omheen moest vertellen. Om het spannend te maken voor het publiek. En ik koos ervoor de mensen angst aan te jagen: dan weet je zeker dat je hun aandacht hebt. De wereld is niet veilig, zei ik.

Je moet denken, zei ik in de allereerste begindagen, dat de meisjes en jongens van Silicon Valley een nieuwe heerschappij hebben gevestigd, die is gehuisvest op de computers van de Chinese autoriteiten. Ze mikken op een nieuwerwetse vorm van samenleven en regeren, maar ze komen niet verder dan de Middeleeuwen. Chaos en verwarring. Vijandbeelden. Xenofobie.  (pagina 144-145)

Terug naar Overzicht alle titels

Franklin Foer

Ontzielde wereld : de existentiële dreiging van Big Tech
De Bezige bij 2017, 272 pagina's -€ 22,99

Oorspronkelijke titel: World without mind (2017)

Wikipedia: Franklin Foer (1974)

Tekst op website uitgever
Zonder stil te staan bij de gevolgen heeft de wereld de producten en services van vier reusachtige bedrijven omarmd. Google, Facebook, Apple en Amazon presenteren zich als voorvechters van individualisme, efficiëntie en diversiteit, maar ondertussen leiden hun algoritmes tot eenheidsworst, privacyschending en een overdosis comfort. Het resultaat is een onstabiele, bekrompen en slecht geïnformeerde wereld waarin geen ruimte is voor introspectie. Een wereld die niet zelf nadenkt.
Ontzielde wereld legt dit mechanisme van automatisering en homogenisering onder het vergrootglas. Elegant brengt Franklin Foer de geschiedenis van computertechnologie in kaart – van de Verlichting via Alan Turing en Stewart Brand naar het hedendaagse Silicon Valley – en toont daarmee niet alleen de dreigende crisis, maar ook de noodzaak van verzet. Hij laat feilloos zien wat er op het spel staat – en hoe we het tij kunnen keren.

Fragment uit

Terug naar Overzicht alle titels

woensdag 11 oktober 2017

Michel VandenDriessche

De herontdekking van de tijd : 13 denkers over vandaag en morgen
Lannoo Campus 2017, 176 pagina's -  € 19,99

Met bijdragen van:  Johan Braeckman, Dirk De Wachter, Ignaas Devisch, Marc Leemans, Luc van Gorp, KOen Haegens, Stan de Spiegelaere, Ilse De Vocht, Jeroen Lievens, Elke Valgaeren, Marijke Persoone, Yoni van den Eede en Steven van Wolputte.

Michel Vandendriessche is algemeen directeur van vrijetijdsorganisatie Pasar

Tekst op website uitgever
Vroeger gebruikte de mens tijd om zijn leven in te delen. Nu is het andersom: we haasten ons van het ene ogenblik naar het andere. Die tijdsdruk is zo voelbaar dat er maar één conclusie mogelijk is: we pakken dit probleem het best collectief aan. In dit boek vertellen dertien denkers vanuit hun eigen discipline hoe het anders kan. Door te leren hoe we overprikkeling vermijden, hoe we ons recht op vakantie verdedigen of hoe we best wel lui mogen zijn, kunnen we onze tijd écht weer in handen nemen.

Fragment uit 6 - Ode aan de luiaard
Weg met de bladblazer
In een intrigerend onderzoek naar de beleving van tijd in verschillende culturen stelde de Amerikaanse psycholoog Robert Levine vast dat mensen in sommige steden gemiddeld sneller wandelen in winkelstraten dan in vergelijkbare straten in andere steden. In sommige steden wordt letterlijk sneller geleefd dan in andere. De snellere steden doen het over het algemeen economisch beter, wat onmiskenbaar voordelen biedt voor de inwoners. Maar er wordt een grote prijs voor betaald, aldus Levine. Zo stelde hij experimenteel vast dat mensen in nood in trage steden sneller geholpen worden door onbekende voorbijgangers dan in snelle steden. Het levenstempo leert ons veel over hoe we nadenken over levenskwaliteit en zinvolheid. In mijn lezingen geef ik in dat verband vaak het voorbeeld van de bladblazer. Vroeger veegden mensen de bladeren op hun graspleintje nog samen met een hark. Je was daar toch al gauw een uurtje mee bezig. Tegenwoordig moet dat met een bladblazer. Dat is in de filosofie van vandaag fantastisch, want efficiënter. Maar wat doen we met de tijd die daardoor vrijkomt? Meestal niet zo heel veel. Mijn suggestie: laat die bladblazer voor wat hij is en neem opnieuw de hark ter hand. Je kunt de bladeren overigens ook gewoon laten liggen, maar dat is een kwestie van persoonlijke voorkeur.
  Harken heeft, net als andere soortgelijke bezigheden, allerlei positieve aspecten in zich waar we ons blijkbaar niet meer van bewust zijn. Het zorgt ervoor dat je in beweging bent, je kunt dagdromen, je hoofd leegmaken, het brengt je in een positieve stemming. Als je een tijdje bezig bent, komt er misschien een vriend langs met wie je een praatje kunt maken. Dat is helemaal geen tijdverspilling, integendeel. Met wat geluk zijn de bladeren daarna weer uit elkaar gewaaid en kun je weer opnieuw beginnen.
  Een bladblazer daarentegen is lawaaierig, het stoort de buren en je maakt er je hoofd niet mee leeg, maar je krijgt er integendeel hoofdpijn van. En meestal weet men toch niet goed wat met de zogeheten gewonnen tijd moet aanvangen. (pagina 82-83)

Terug naar Overzicht alle titels

Isaac Asimov


Ik, Robot
Meulenhoff 1966/2017, 191 pagina's - €

Oorspronkelijke titel: I, robot (1950)

Wikipedia: Isaac Asimov (1920-1992), en Ik, Robot en I, Robot  

Korte beschrijving
Bundel van negen samenhangende verhalen over de ontwikkeling van en problemen in de omgang met robots. Intrigerende wetenschappelijke puzzels, toegankelijk en begrijpelijk verteld. Een nog altijd populaire bundel die voor veel lezers het eerste contact met sciencefiction was.

Fragment uit 9. De machines
'Nee, hij zei dat er geen mens was die dat kon. Hij was erg oprecht. Hij vertelde me, en ik hoop dat ik hem goed begrepen heb, dat de Machines een gigantische extrapolatie zijn op de volgende manier: Een team van wiskundigen werkt verscheidene jaren aan het ontwerpen van een positronbrein dat in staat is om de door hen gemaakte berekeningen zelf te maken. Met gebruikmaking van dit brein maken ze voortgezette berekeningen om een nog gecompliceerder brein te kunnen ontwerpen en dat gebruiken ze dan weer om een brein te maken dat wéér gecompliceerder is, enzovoort. Volgens Silver zijn wat wij de Machines noemen, het resultaat van tien van zulke trappen.'
  'Ja-ja, dat komt me bekend voor. Gelukkig ben ik geen wiskundige ... arme Vincent. Het is nog zo'n jonge man. De directeuren vóór hem, Alfred Lanning en Peter Bogert, zijn gestorven en zij hadden zulke problemen niet; noch had ik ze. Misschien moeten alle robotici maar sterven nu we niet meer in staat zijn onze eigen scheppingen te begrijpen.'

Terug naar Overzicht alle titels


vrijdag 6 oktober 2017

Peter Hinssen

The day after tomorrow : hoe overleven in tijden van radicale innovatie
Lannoo Campus / Van Duuren management 2017, 283 pagina's -  € 29,99

Oorspronkelijke titel: The day after tomorow : how to survive in tims of radical innovation

Wikipedia: Peter Hinssen (1969) en zijn website

Korte beschrijving
Hoe overleven in tijden van radicale innovatie: deze ondertitel typeert het onderwerp van het boek duidelijk. Het boek start met een analyse van de huidige ondernemerswereld vol innovaties en het beschrijven van de impact van de snelheid van die innovaties. Daarna kijkt het naar de technologieën die de toekomst zullen bepalen en de businessmodellen en netwerken die daarvoor belangrijk zijn. Het geheime ingrediënt om te overleven is de cultuur. Het hiërarchisch bedrijfsmodel zal verdwijnen en plaatsmaken voor holacratische samenwerking gebaseerd op vertrouwen. De ingrediënten voor de toekomst, die geen recept vormen, beschrijft het boek in 10 patronen. Het boek geeft een nieuwe en onderbouwde kijk op de toekomst van bedrijven, van onszelf en voor de toekomstige generaties.

Tekst op website uitgever

Onze wereld verandert exponentieel en dat heeft grote gevolgen voor organisaties van 'vandaag'. In dit boek laat Peter Hinssen ons kennismaken met pioniers die erin slaagden zich aan die veranderingen aan te passen en in hun innovatie voorbij vandaag en zelfs morgen te denken. Door zo ver vooruit te durven kijken, stuurden ze volledige industrieën een nieuwe richting uit. The Day After Tomorrow beschrijft de businessmodellen van deze pioniers, de organisatieculturen, het talent, de mentaliteit en de technologieën die nodig zijn om ons succes in de 'Day After Tomorrow' zo groot mogelijk te maken. Dit is een boek dat je kijk op je eigen toekomst, die van je bedrijf en zelfs die van je kleinkinderen zal veranderen.

Fragment uit hoofdstuk 7. Het verhaal van de twee toekomst en
De schaduwzijde van de 'Day after tomorrow': wat je moet onthouden
Politieke bijziendheid is nog veel erger dan bedrijfsbijziendheid, omdat ze een weerslag heeft op de hele planeet. In een wereld die met exponentiële snelheid op ons afstormt, is het waanzin om je te focussen op de dingen die ons vandaag 'dwarszitten'.

Het is waanzin om te wachten tot de automatisering 45% van alle banen oppeuzelt.
Het is onzin om onderwijsmodellen te hanteren die sinds de 19de eeuw niet veranderd zijn.
Het is waanzin om economische voorspellingen te doen aan de hand van superabstracte wiskundige modellen die 100 jaar oud zijn.
Het is waanzin om het probleem van de vergrijzing te proberen op te lossen met een systeem dat uit de 20ste eeuw stamt.
Het is waanzin om belangrijke ethische vragen over automatisering voor ons uit te schuiven.
Het is waanzin om alleen maar toe te kijken hoe de klimaatverwarming het waterpeil van de oceanen zal doen stijgen.
Het is waanzin dat de meeste regeringen - met de feiten waarover we beschikken - niet meer dan vier of zes jaar vooruitkijken.

Eigenlijk: vergeet alles wat ik hierboven geschreven heb. Je hoeft alleen dit te onthouden: begin nu na te denken over de 'Day after Tomorrow' van je bedrijf, je land, je planeet en je dierbaren, en steek de armen uit de mouwen.

O, en doe jezelf een plezier: stem alsjeblieft niet voor politici die op korte termijn denken en populistisch oplossingen aanreiken, want dat zal ons alleen maar opzadelen met een enorme berg 'rotzooi van gisteren', wanneer hun ambtstermijn erop zit.

Jij bent het verschil tussen de wereld zoals die was en de betere plek die hij zal worden. (pagina 239)

Youtube - Peter Hinssen's Day After Tomorrow keynote for 'Deloitte's Data With A View' in The Hague



Terug naar Overzicht alle titels




dinsdag 3 oktober 2017

Nieuw Licht

In het najaar van 2016 begonnen de filosofen Frank de Meester en Coen Simon met een nieuw initiatief. Ze nodigen een min of meer bekende schrijver of denker uit een redelijk klassieke tekst te (her)lezen en in een essay te vertellen welke indruk die tekst op hen heeft gemaakt. Ze werpen Nieuw Licht op het bewuste boek.

Uitgeverij Ambo Anthos brengt dat essay voor een schappelijke prijs (een tientje) uit. In een aansprekende, herkenbare stijl. De 'formule' sloeg aan. Beide heren hadden het geluk dat het 'boekje' van publicist Bas Heijne zeer velen aansprak. Het was een kleine bestseller. In het seizoen 2017-2018 staan verschillende nieuwe boeken op stapel.



 

Tekst op website uitgever
Nieuw Licht is een initiatief van filosofen Coen Simon en Frank Meester. Een nieuwe filosofische serie waarin de scherpste hedendaagse denkers met oude vragen nieuw licht werpen op onze tijd. Meester en Simon leggen de scherpste hedendaagse denkers een vraag voor uit een klassiek geworden tekst van filosofen en denkers als De Beauvoir, Huizinga, Bourdieu, Camus, Freud, Rousseau, Smith en Aristoteles.

Alle reeds verschenen titels
Bas Heijne. Onbehagen : Nieuw Licht op de beschaafde mens (2016)
Pieter van den Blink. The medium kills the message : Nieuw Licht op journalistiek, media en kijkcijfers (2016)
Ewald Engelen. De mythe van de gemaakte vrouw : Nieuw Licht op het feminisme (2016)
Eva Rovers. Ik kom in opstand, dus wij zijn : Nieuw Licht op verzet (2017)
Daan Roovers. Mensen maken : Nieuw Licht op opvoeden (2017)
Marja Pruis. Omdat je het waard bent : Nieuw Licht op eigenliefde (2017)
Femke Halsema. Nergensland : Nieuw Licht op migratie (2017)
Marte Kaan. Onderbuik : Nieuw Licht op redelijkheid (2017)

Aangekondigde titels
Bert Keizer. Voltooid : Nieuw Licht op een zelfgekozen dood

Myrthe Hilkens. Kapitaal vernietiging : Nieuw Licht op eigenbelang


Terug naar Overzicht alle titels

Femke Halsema 2

Nergensland : Nieuw Licht op migratie
Ambo Anthos 2017, 112 pagina's - € 10,--

Wikipedia: Femke Halsema (1966)

Korte beschrijving
Essay over de vraag of we vluchtelingen een veilige toekomst kunnen bieden, zonder onze welvaart op de tocht te zetten en de tegenstellingen in onze samenleving te laten oplopen. Kunnen we ons beveiligen tegen chaotische massa’s nieuwkomers zonder vluchtelingen aan hun lot over te laten? Of zelfs in gevaar te brengen? En zonder onze democratische rechtsstaat – de harde kern van onze open samenleving – te beschadigen? De auteur doet dit aan de hand van de ideeën van Karl Popper. Hij toont in zijn ‘De open samenleving en haar vijanden'* begrip voor het verlangen van elke gemeenschap om zich af te zonderen en om weg te stoten wat vreemd is. Popper probeert ook een duurzaam democratische samenleving te formuleren, die bestand is tegen het volgen van dictators en tegen de verleiding om minderheden uit te stoten. De repressieve maatregelen tegen vluchtelingen bieden geen enkel zicht op een dergelijke samenleving. Vluchtelingen – en de dramatische omstandigheden waarin zij verkeren – verdienen dat wij naar ons beste kunnen oplossingen zoeken. Wat op dit moment niet gebeurt. Helder geschreven essay dat laat zien dat de ideeën van Popper zeventig jaar na dato nog steeds actueel en urgent zijn.

Tekst op website uitgever
‘De voorstander van de stapsgewijze technologie zal de methode kiezen waarmee hij de grootste en dringendste kwalen van de samenleving kan opsporen en bestrijden, en niet zozeer het hoogste goed trachten te zoeken en daarvoor vechten,’ schrijft Karl Popper in De open samenleving en haar vijanden uit 1945. Zijn waarschuwing dat een utopisch doel het gevaar met zich meebrengt alle middelen te heiligen, heeft ervoor gezorgd dat we nauwelijks nog onze vingers durven te branden aan een visie op een betere wereld.

Aan de hand van de ideeën van Popper, die ruim zeventig jaar later niets aan actualiteit en urgentie hebben ingeboet, probeert Femke Halsema een antwoord te vinden op een onverminderd dringende vraag. Als ‘wij’ vluchtelingen hier niet willen en kunnen opvangen, er voor hen geen mogelijkheid is terug te keren naar hun land van herkomst en zij in de grote vluchtelingenkampen geen leven hebben, wat moeten we dan doen? In Nergensland schetst zij een utopisch perspectief zonder de stapsgewijze methode van Popper uit het oog te verliezen.

FEMKE HALSEMA (1966) was tussen 1998 en 2011 Tweede Kamerlid en fractievoorzitter van GroenLinks. Nu schrijft ze, maakt ze tv-programma’s en werkt ze als toezichthouder in de publieke en private sector. In 2016 verscheen Pluche, waarvan meer dan 50.000 exemplaren werden verkocht.

Fragment uit 1
Melilla is een badplaats aan de Middellandse Zee zoals er vele zijn: rechthoekige appartementenblokken, het balkon naar de zon en de zee gekeerd. Op de begane grond gestreepte luifels, eronder uitstallingen van luchtbedden en snorkels, afgewisseld met restaurants en ijsbarretjes en een enkele reisagent die een rondleiding door de oude stad aanprijst. Aan het einde van de strandboulevard is een kleine haven waar, op de terrassen, verse vis wordt aanbevolen.
  In het najaar is het weer er zacht en het strand leeg. Buiten het hoofdseizoen zijn er nauwelijks toeristen en is zichtbaar dat Melilla betere tijden heeft gekend. Verf bladdert van de puien en in het wegdek van de boulevard zijn kuilen uitgesleten.
Ik ben in Melilla in het najaar van 2006, op uitnodiging van een televisieprogramma.2 In Nederland woedt de campagne voor de landelijke verkiezingen. Net als in de jaren ervoor en erna beheersen
vluchtelingen en migranten het politieke debat.
  Melilla is niet alleen een wat verlopen mediterrane badplaats maar ook het zuidelijkste deel van Europa. Het is, net als het verderop gelegen Ceuta, een kleine enclave op het Marokkaanse vasteland die al vijfhonderd jaar in het bezit is van de Spanjaarden. Voor Afrikanen is dit piepkleine stukje van
Spanje ook de dichtstbijzijnde toegangspoort naar veiligheid en welvaart.
  In het jaar daarvoor, in 2005, is Melilla wereldnieuws geworden. Duizenden migranten hebben de
hoge hekken bestormd die Melilla afscheiden van het Marokkaanse ommeland. Daarbij zijn mensen
omgekomen en degenen die er wel in slaagden over het hek te kruipen werden door de uitgerukte politiemacht geslagen en, voordat ze asiel konden aanvragen, teruggestuurd. Daarna zijn er aanhoudend berichten over doden en gewonden: mensen die verstrikt raken in het prikkeldraad, van het zes meter hoge hek vallen of simpelweg worden doodgeschoten. Amnesty International rapporteert over beschietingen en moord door Spaanse en Marokkaanse autoriteiten. De Marokkaanse overheid doorzoekt de bossen rond Melilla en dumpt de migranten die ze vindt, zonder eten of water over de grens in de woestijn in Algerije. Algerije jaagt op zijn beurt de migranten terug. Artsen zonder grenzen meldt dat van de tienduizenden mensen die zich verscholen houden in de bossen om Melilla heen, velen verse littekens dragen van buitensporig geweld en seksueel misbruik. Als migranten er wel in slagen over het hek heen te komen stuurt de Spaanse overheid ze zonder pardon terug of, als er om asiel is gevraagd, detineert en mishandelt ze.
 Tot de bestorming is Melilla onbekend. Van alle jaren daarvoor dat ik woordvoerder ‘asiel en migratie’ ben in het Nederlandse parlement kan ik me geen discussie over de enclave en de morele en politieke merites van de grensbewaking op het Afrikaanse continent herinneren. Zelf snijd ik het ook niet aan. Hoewel de instroom van asielzoekers in Nederland rond de eeuwwisseling hoger is dan de afgelopen vier jaar, is de discussie erover meer juridisch en pragmatisch en minder gepolariseerd.
  De bewaking van de Europese buitengrenzen is een vrij abstracte, conceptuele kwestie die anders dan in de omstreden kwalificatie ‘Fort Europa’ tot weinig ophef leidt. Er zijn wel berichten van incidenteel, hardhandig douaneoptreden in Oost-Europese staten, maar zonder de beelden erbij van huilende kinderen en zwangere vrouwen die smeken om toegang, blijven publieke en politieke verontwaardiging uit. Er is dan nog geen driejarig Syrisch jongetje dood aangespoeld op een Turks toeristisch strand en dus kunnen wij – Nederlandse burgers en ingezetenen van de Europese Unie – de illusie koesteren van beschaafde bureaucratische procedures waarmee het kaf van het koren wordt gescheiden nadat migranten eerder ordentelijk bij een douanebeambte op Schiphol om asiel hebben gevraagd. (pagina 17-20)


 

Startpagina Nieuw Licht

Lees ook van Femke Halsema: Geluk! : voorbij de hyperconsumptie, haast en hufterigheid (2008)

Artikel: Een hek in Mellilla - Foto van het jaar? (december 2014)

Terug naar Overzicht alle titels